Familie

Lieve Piet

doorPosted on 1 Comment3min. leestijd157 gelezen

Een maand geleden blies je jouw laatste adem uit. Dat klinkt bijna mooi. Maar dat was het niet. De dood is niet mooi. Dat had ik toch iets geromantiseerd door het sterfbed wat je weleens ziet in films. Waarbij er poëtische laatste woorden gesproken worden, een kneepje in de hand, een traan en een zucht. Zo ging het niet. Jouw grote sterke hart hield het heel lang vol. Ondanks de ‘opluchting’ dat  jouw lijden voorbij was, drong het besef nog niet tot me door dat jouw leven daarmee ook voorbij is.

Met jouw sterke lichaam, hart en geest had ik gedacht dat je 100 zou worden. Als een rimpelig krom bruin mannetje scharrelend over je volkstuin. Uiteindelijk misschien wat rustiger aan doend bij ons thuis zittend op een stoeltje genietend van al het harde werk wat je bij en met ons hebt verricht. Nog wat reisjes maken. Trots zijn op ons. Op de kleinkinderen. Er zijn.

Dat is wat ik zo mis. Jouw fysieke aanwezigheid. Ik geloof dat je echt wel ‘ziet’ dat de kleinkinderen geslaagd/over zijn. Dat je zoons jouw zonnebloemstekjes liefdevol verzorgen en daar al mooie bloemen uit voort komen. Alles. Maar gisteren stond ik in onze tuin naar onze zojuist wit geschilderde gevel te kijken en ik miste jouw arm om mijn middel. Dat kneepje in mijn zij. Jouw woorden ‘dat hebben jullie mooi gedaan’.
Er is niemand meer zo trots als jij.

Meer dan ooit koester ik wat we hebben gedeeld. Wij als klusteam. Containers samen efficiënt indelen, muurtjes plaatsen, isoleren, gipsen of dat vreselijke stucwerk eraf bikken. Wat waren we trots als het lukte. Maar ook gefrustreerd als de gipsplaat bij de vlizotrap voor de vijfde keer afbrak. Maar we gingen door. Altijd. Soms hielden we langer pauze. Omdat we nog zo fijn in gesprek waren. We begrepen elkaar. Zoals Harm zegt; jullie zijn uit hetzelfde stuk hout gesneden. Jij bent nu weg gesneden lieve Piet. En daarom voelt het leven niet meer compleet. Lijken de dagen omlijst met een zwart randje. Een rouwrandje.

Je verdient zoveel meer dan deze blog. Je verdient een medaille. Een lintje. Een standbeeld. Voor jouw hart, waar iedereen in paste. Jouw tevredenheid en kracht. Tot het laatste einde. Want wat heb je gestreden. En wat had ik je dat graag bespaard zien gebleven. Maar soms denk ik dat de zieke man die we hebben verzorgd en begraven iemand anders is. Want het kan toch niet zo zijn dat je echt niet meer langs komt? En dan bedoel ik niet in de vorm van een vlinder of vogel. Want daarmee zijn we de laatste tijd nog meer omringd. Ik voel je in mijn hart. In mijn hoofd. In het ruisen van de bomen. De wind op een klamme dag. Dat ben jij. Maar ik wil meer. Meer tijd met jou. Jouw gezonde jou.

Je zit in zoveel herinneringen. We hebben zoveel mooie gesprekken gehad. Uren gekletst. Niets is onbesproken gebleven. We hebben elkaar verteld wat we voor elkaar betekenen. Elkaar bedankt. Veel geknuffeld. Gehuild. Jouw zakdoek gedeeld. Maar ik ben er nog niet aan toe om te zeggen; het is goed zo. Want dat is het niet.

Deel

Moederdag 2017

doorPosted on 1 Comment4min. leestijd43 gelezen

Moederdag vorig jaar. We gingen op pad. Naar het strand, naar moeder & schoonmoeder, maar dat alles met vertraging, door een fiks ongeluk. Laten we dit jaar lekker thuis blijven.

Zodoende.
De dag begon wat vreemd. Harm die het nodig vond om om 7 uur te gaan sporten. Uit mijn slaap gerukt, kwam ik overeind. Wat hoorde ik toch? Alsof een vogelachtig wezen bezig was met bevallen/paren/doodgaan. Tegen mijn raam. Elke keer dat ik dacht dat ik nu toch echt moest gaan kijken viel het stil en uiteindelijk werd er niet meer gevochten/gestreden/geleden en hoorde ik een vrolijk geroekoe. Happy End. Ik hou ervan.

Na het douchen werd beneden een feestontbijt bereid. Ik zat nog niet koud aan tafel of het was tijd voor mijn lied. Zachtjes las Luc het eerste versje op. Mijn moederhart smolt zelfs van deze van internet geplukte woorden. Want de knuffel erna kwam oprecht van mijn ventje. Harm spoorde hem aan ook het tweede liedje te zingen.
Tsja, waarom de meester zoiets wanstaltigs van het wereldwijde web heeft uitgekozen is mij een raadsel. Ja, ik hou van vreemdigheid, gekke woorden, kronkels, alles. Maar spelfouten en mij vergelijken met een pinpas? Bijzonder. Ik vond het nu prima dat Luc deze woordenbrij snel en emotieloos oplas. Ook kreeg ik een tissuedoos in de vorm van een bij geknutseld, omdat ik zo BIJ-zonder ben. Hoe schattig.

Het tweede versje

Lina zat naast me te popelen om haar cadeautje onder mijn neus te drukken. Letterlijk. Een paar weken geleden moest ik er al aan ruiken. Nou vertrouw ik haar PRANK gedrag niet altijd, maar het zakje van Lush stelde me gerust. Vandaag mocht ik het eindelijk open maken. Whoehoe een badbruisbal met het woord MAM erop. Van Harm kreeg ik nog een enorme doos met chocolaatjes van een geliefde chocolatier en na al dat zoets kon ik mijn tanden zetten in een beschuitje met aardbeien en slagroom. MMM.

Ik hoor je denken, so far so good? Juist, totdat ik dacht dat het misschien een goed idee zou zijn om naar Ikea te gaan. Ik wil een fotowand met allemaal dezelfde lijsten en als iedereen bij zijn moeder/schoonmoeder/oma zat, konden wij rustig door de paden lopen, toch? Oké, dat was dom. Rustig lopen is sowieso een utopie wanneer Luc je met een geel steekwagentje op de hielen zit. Wanneer hij deze terug moest zetten, vond hij algauw een grote lompe kar waar hij al skateboardend mee door de ruimtes probeerde te sjezen. Wel irritant al die mensen die voor zijn voeten liepen. Zucht. Harm vroeg zich al af voordat we de winkel in gingen, of we niet gewoon meteen naar de afdeling met lijsten konden gaan.
Domme vraag Harm. Domme vraag.
Natuurlijk kan dat niet.
Inspiratie opdoen. Overal aan voelen. Ruiken. De echte Ikea geur opsnuiven zoals Lina het noemde. Het rook meer naar kartonnen doos, maar ieder zijn beleving.

Harm klaagde niet. Het is moederdag. Dan staan daar lijfstraffen op. Of iets dergelijks. Lekker hoor. Hij sjokte van het ene pad naar het andere, totdat ik hem een keuken in trok. Want onze keukenmuur is kaal nu ik het bordenrek heb weg gehaald. Ik wil een zwevende strakke plank, maar ik vertrouw onze gipsplaten muur niet.
Ooit eerder heb ik zo’n zwevende plank van Ikea gehad. De Lack. Dat zwevende nam hij erg letterlijk, want mijn bloempotjes zweefden er zo vanaf. Dat was natuurlijk niet de bedoeling met mijn kookpotten en andere rommel die ik op zo’n zelfde plank in de keuken wilde stallen.
Maar kijk Harm, hier in deze keuken hangt hij recht.
Harm pretendeerde alsof hij geïnteresseerd was.
Keek er even onder.
Omdat ik natuurlijk overal verstand van heb, gaf ik aan dat hier vals werd gespeeld, want hij zat bij deze ook aan een zijmuurtje vast. Logisch dat al die borden en glazen er strak op staan.
Maar kijk Harm, aan deze kant zit hij niet vast. Zou daar speling op zitten? De hoek van de plank geeft wel iets mee…

BAM!
KlABATS. KLETTER. KRAK. KRRGGGHH. ALLES.

Alles op de grond. Ja hoor, zelfs de dikke hotelglazen waarvan ze volgens mij beweren dat ze niet stuk kunnen, lagen gebroken op de grond.
Harm staarde me verbijsterd aan.
Voorzichtig probeerde ik mijn mondhoeken in een verontschuldigend glimlachje te buigen.
Streng werd ik aangekeken. Ik zag zijn ogen denken: ‘ECHT?’. ‘SERIEUS?’
Lina was gewoon 2 seconden stil vanuit haar mantra ‘kijk mam daar wat leuk, oh dit is echt gaaf, nee dit dan, die kussentjes…’. Maar algauw hervatte ze zich ‘mam, ik schaam me echt kapot, wat doe je?’.
Euh, tja…

Gelukkig was daar de Ikea–engel. Ze excuseerde zich en ik probeerde uit te leggen dat ik van die plank af had moeten blijven en verontschuldigde me. Ze wilde er niks van horen. Die plank zat blijkbaar niet goed vast.
Kijk daar had ze een punt.
Waar was Harm? Dit moest hij horen. Iets in zijn blik zei me dat hij het niet helemaal eens was met de ‘slecht-opgehangen-plank’-theorie. Ik stamelde nog vijf keer sorry tegen de medewerker en stapte uit de brokstukken.
Met niet eerder ontdekte stevige tred bleek ik door de Ikea te kunnen stappen.
Ik denk dat erop uitgaan met moederdag een slecht idee is.
Volgend jaar blijf ik thuis.
In bad. Met Lush, chocolaatjes & tissues.
Meer heb ik toch eigenlijk niet nodig 😉

Deel

Cliniclowns

doorPosted on 2min. leestijd32 gelezen

Door Harm zijn werk kunnen we soms bij bijzondere evenementen aanwezig zijn. Zo sponsorden ze appeltjes aan het Circus van de Cliniclowns. Of we daarbij wilden zijn? Het woord circus deed me overstag gaan. Ik heb verder niets tegen de Cliniclowns hoor, integendeel. Mensen met een rode neus zijn meestal beregezellig. Alleen hoe zou het zijn om compleet gezond de wereld van de kindjes met een beperking binnen te stappen? Geen idee waarom ik me daarover schuldig voelde. Maar toch. In mijn hoofd klonk een stemmetje dat fluisterde woorden als ‘uit je comfortzone stappen’, ‘iets in een groep doen’ etc.

Cliniclowns circusIn Dordrecht stond een geweldige tent waar we welkom werden geheten en ingedeeld in team rood. Ieder een sticker met onze naam erop, voelde heel persoonlijk. Zo slim. Elke keer spraken ze de kinderen aan bij de naam en je zag ze glunderen ‘hé, die clown kent mij’. Er waren drie teams en deze groepen gingen omstebeurt naar een losse voorstelling. Wij gingen als eerste naar ‘de wasserette’. De tweelingbroer van (de Taarten van) Abel deed de was in een ballenbak. Een meisje ving een bal en begon te gillen van plezier. Ook werden er bellen de lucht in geblazen, zonder natte plekken op de vloer achter te laten. Alles voor de veiligheid.

Cliniclowns kok
Niks geks aan

Overal was aan gedacht. Er was ruimte, liefde en aandacht voor iedereen. Niemand keek elkaar vreemd aan. Er werd niet gewezen, gefluisterd of uit gelachen. Je voelde een wederzijds begrip en respect door de ruimte zweven.
Er was geen oordeel. Het was goed. Iedereen was goed zoals hij is. Zelfs ik. Niet anders, maar hetzelfde.

20160612_105003


De shows waren bijzonder. Zoals bijvoorbeeld de grote metalen windgongs, die muziek maakten wanneer de medewerkers er met grote waaiers wind heen bliezen. Kinderen genoten volop. Zoals een meisje in ‘ons team’. Zij stal echt mijn hart. Ze had een prachtige vlecht bovenop haar hoofd en mocht heel soms uit haar rolstoel. Ze heeft alleen in het begin even gehuild. De rest van de tijd kraaide ze het uit van plezier. Elke keer een beetje harder. En elke keer werd mijn lach groter. Wat een puur genot om haar zo blij te zien. Als herinnering aan haar kocht ik een blije muis. Om niet te vergeten waar het om draait. En om de mensen te steunen die dit allemaal mogelijk maken. Wat een geduld, creativiteit en liefde geven zij deze kinderen en hun ouders. Een moment zonder zorgen. Ik schrijf dit met een brede glimlach en een traan. Ik ben nog nooit bij zo’n mooi, interactief en intiem circus geweest. Uit de grond van mijn hart kan ik zeggen dat er geen moment van ongemak was. Zelfs niet met Luc die in al zijn drukheid rond rende, overal aan zat en geluiden van allerhande verzonnen dieren uitkraamde. Geen starende blikken. Niks. Eigenlijk voelde ik me hier best thuis 🙂

Deel

door

Moederdag

doorPosted on 3 Comments3min. leestijd24 gelezen

Ben blij dat ik Moederdag heb overleefd. Misschien verwacht je nu een klaagzang over verplichtingen, overvolle stranden en stomme cadeaus. Maar dit keer niet. Vandaag een dag zonder klagen. Hij begon ook super met echt leuke cadeautjes en een beetje yoghurt met fruit. We gingen immers brunchen bij Kijkduin met mijn moeder. Voor iedereen ontspannen. Tenminste dat was de bedoeling.

We vertrokken al om 9 uur om nog enigszins kans te hebben op een parkeerplaats binnen een beloopbare afstand van de strandtent. Het liefste natuurlijk voor de deur (voor mijn part op het strand). Dus iedereen goedgehumeurd de auto in. Lina met het cadeau voor schoonmoeders op schoot en Luc met de iPad. Tot zover de normale dag.

Want rond half 10 zie ik links van ons een auto over de kop slaan en tollen, waar een stuntman met eerbied voor zou applaudisseren. Ware het niet dat we ons geenszins op een film set bevonden. Alhoewel dat op dat moment wel zo voelde. Ik riep naar Harm. De auto leek op de A16 te blijven, maar schoot op het laatste moment naar ons op de A15. Harm remde, maar kon niet uitwijken want zag iets in zijn zijspiegel naderen. De klap voelde alsof je achteruit gestoten werd zoals in een achtbaan. Stukken glas vlogen tegen de voorruit. Lina die gilde. En dan die seconde van doodse stilte.

Eindigde triest langs de kant van de weg
Kapot

Wanneer ik besefte dat ik niets mankeerde, zoog ik mijn longen vol lucht. Omdat je in de nanoseconde die alles duurde je adem hebt ingehouden. Harm zette de auto aan de kant en rende richting de auto die totaal aan barrels lag. De kinderen zaten met grote ogen op de achterbank en Lina zei sip ‘het cadeautje voor oma is kapot’. Ze heeft zich gesneden aan de vaas die in stukken aan haar voeten ligt. Haar slippertjes staan in het water en exotische bloemen drijven nog een klein moment op de auto-mat. Wat je allemaal niet opslaat in zo’n korte tijd. Want het volgende moment heb ik de kinderen achter de vangrail gezet, 112 gebeld en een zakdoekje voor Lina’s wondje gehaald.

moederdagvangrailIk trilde en bazelde als een dronken ADHD-er een compleet warverhaal tegen de hulpdienstmedewerker. Waar ik stond? Echt geen flauw idee. In ieder geval niet op het strand waar ik mezelf eigenlijk al had zien liggen. Ik duwde mijn mobiel in de hand van de jongen die voor ons was gestopt. ‘Zeg jij het maar’. Hij nam het gesprek over en al snel stopte de toestroom van verkeer. De weg was toen officieel afgesloten. De kinderen konden weer in de auto zitten, daar was het warmer dan op de vangrail met een handdoek om zich heen. iPads gingen weer aan, ik deelde stroopwafels uit en het leek bijna gezellig zo op onze verlaten rijbaan.

Inmiddels was in ieder geval duidelijk dat de bestuurder van de botsende auto niets mankeerde. Engelen en stof dwarrelden om ons heen. De sirenes doorboorden de stilte. Een stel dat op de motor reed bedankte Harm dat hij niet uit had geweken, want anders hadden zij het niet na kunnen vertellen. Zij waren getuigen van het gehele ongeluk dat begon bij een botsing tussen een witte Skoda en een groene Honda, waarbij de Honda uit het niets leek te komen en waarschijnlijk vervolgens zo hard aan zijn stuur heeft getrokken dat hij over alle rijbanen is heen gevlogen. Uiteindelijk tegen onze auto. Hij kon zich er niets meer van herinneren.

Gelukkig alleen blikschade
Gelukkig alleen blikschade

moederdaginautoSchadeformulieren werden tevoorschijn getoverd. Iedereen werd gecontroleerd op verwondingen en alcoholgebruik. Niemand had wat (op). De kinderen keken wel wat loddig uit de ogen, maar dat zal meer te maken hebben gehad met langdurig iPad gestaar. Zij hadden lol in de auto, ook met de beer die Luc van de ambulancebroeder kreeg. Ik keek naar de strakke blauwe lucht en bedankte. Want wat was ik blij dat de kinderen en Harm niets mankeerden en dat zij ook niet werden blootgesteld aan de bloederige visioenen die ik had gehad. Het ongemak nam ik voor lief. Hun levende lach verwarmde mijn hart. Want hoeveel cadeautjes ik ook heb gekregen vandaag, daar ben ik toch het dankbaarst voor!

Deel

Koningsdag

doorPosted on 3 Comments4min. leestijd32 gelezen

Fear of missing out. Dit is een nieuwe rage (of ziekte, zo je wilt) onder SM-lovers (social media liefhebbers). Nou ben ik meestal niet zo bang om iets te missen, maar op Koningsdag heb ik wel altijd het idee dat het overal leuker is. Je ziet op Facebook oranje gecustomizede vrienden in een sloepje dobberen, voorzien van een perfect zonnetje en lekkere hapjes. Op Instagram zie je rommelmarkt vondsten, waar je zelf al jaren kringloopwinkels voor afschuimt. Ook krijg ik zelfs spontaan zin in het bezoeken van een festival vol vrolijk hossende mensen, als ik daar foto’s van voorbij zie komen.

Jaren geleden bezochten we nog weleens een vrijmarkt. Tegenwoordig is het lastiger om (met het gezin) heel vroeg op te staan en dan nog minimaal een uur in de auto zien leuk te houden. En met dit druilerige weer ziet de meuk op allerhande armoedige kleedjes er ineens verlept uit. Alsof ze gewoon een met modder overstroomd bejaardentehuis hebben leeg gekieperd in een kraampje. Met een zonnetje erop zou je het ineens bestempelen als een uniek brocante antiekstuk. Tel daarbij op dat ons huis al dichtslibt met allerlei rommel en we doen de kinderen ook geen plezier met slenteren langs kapotte puzzels en worstenmakers uit grootmoeders tijd.

Maar wat dan? Ik bekeek de dorpskrantjes ineens met interesse, op zoek naar een gaaf programma voor Koningsdag. Waarom beginnen ze altijd met Aubade? Ik vroeg Harm of dat iets met zingen te maken heeft en hij knikte een beetje lacherig. Het lachen verging hem toen ik uit volle borst begon te galmen ‘Komt allen tezamen…’, toen onderbrak hij me dat het dit niet helemaal was. Prima joh. Dan niet.
Poederoijen is trouwens vandaag de dag vertegenwoordigd met een goed georganiseerde oranje vereniging (ja,ja geen sarcasme dit keer). Onze eerste Koninginnedag waren er nog maar drie kraampjes, te weten eentje met de grootste witte opa onderbroeken ooit gezien, een kraampje met zelfgemaakte ranja en de laatste verkocht elastiekjes en speldjes met snoezige rozenknopjes om alle beeldige krulletjes van kerkmeisjes mee in bedwang te houden. Tegenwoordig krijgen we een heel programma voorgeschoteld. Vorig jaar zat ik in een Tesla en crosten Lina en ik op Segways, terwijl Luc een parcours aflegde met een laserpistool. Niets te klagen dus, zou je zeggen. Maar je kent me. Immer tevreden mens dat ik ben. Maar eerlijk is eerlijk, het hagelt hier de laatste dagen, dus de kans was aanwezig dat we vandaag sneeuwpoppen konden maken. En buiten zijn terwijl het koud is, staat niet in mijn productomschrijving.

Daarom bedachten we ruim op tijd, dat we dit keer het ruime sop zouden kiezen. Maar nou liggen de binnendeurse uitjes niet voor het oprapen hiero. Bij het woord museum begint Lina al vroegtijdig te braken en aangezien het vakantie is, kunnen we het één en ander ook al afvinken (de bioscoop en bowlen). Gelukkig vonden we gisteravond nog een indoor midgetgolf baan. Nou heb ik niet zoveel met gewoon golf (alhoewel de truttige ruitjesbroeken me vast kittig zouden staan). Om het leuker te maken zouden ze de holes kunnen vullen met M&M’s en wanneer je dan je balletje erin knalt ontstaat een chocolade regen. Kijk daar zou ik met plezier mijn best voor doen. Net als bij midgetgolf. Vind ik echt enig. Bochtjes, heuvels, bruggetjes, ik neem het allemaal uitermate serieus. Let’s go!

Luc en de piramide
Onze hooligan

Indoor betekent blijkbaar zoiets als een hele grote schuur met aftandse Oosterse tapijten en het ontbreken van enige vorm van verwarming. Het was buiten warmer. Serieus. Dan maar warm slaan. Luc mocht beginnen en waarschuwde ons met ‘aan de kant voor jullie eigen veiligheid’ en vervolgens viel hij de ‘piramide’ aan naast de eerste baan. Het ding zag eruit alsof meerdere kinderen hun koningsdag-agressie erop hadden gebotvierd. Vanuit mijn ooghoek zag ik Harm een plastic bamboe neer maaien met zijn golfstick. Het stof dwarrelde om hem heen en ik knipoogde naar hem. We hebben een geweldig vermogen om altijd op de meest versleten plekken te belanden. Op de een of andere manier krijg ik het liedje (of eigenlijk alleen deze zin) niet uit mijn hoofd ‘Hoe zijn we hier beland?’

Harm geniet van midgetgolf
Dat gezicht 😉 Genieten

Terwijl Lina de puntentelling aan het husselen was rende Luc als een wilde baviaan rond, al brullend ‘ik ga jullie tokken’. Zijn golfclub suisde daarbij gevaarlijk door de lucht. Harm sloeg een bal bovenop mijn dijbeen en ik probeerde een verstopte heater aan te zetten door op alle knoppen te drukken, trekken en slaan. De kinderen speelden vals (terwijl ik zo mijn best deed, verder niet fanatiek, hoor) door de ballen erin te vegen. Harm zette zijn capuchon op, want de schuur was niet he-le-maal waterdicht. Juist op dit soort momenten hebben wij de grootste lol. En gelukkig was het bijbehorende restaurant wel verwarmd. Terwijl de kinderen een ijsje (serieus) bestelden, besloten wij op deze dag onze vaderlandsliefde ook te uiten door geen Belgische wafel te bestellen, maar een portie echte Hollandse bittergarnituur. Hier kan geen brocante sloep of festival tegenop. Zo’n gekke dag met mijn even gekke gezin, ik had het voor geen goud willen missen.

Deel

Kuiken zoekt (zich) lam

doorPosted on 2 Comments4min. leestijd84 gelezen

Pasen is meestal relaxter dan Kerst. Je bent niet al weken bezig je huis te versieren en recepten aan het uitzoeken, om vervolgens 3 dagen in de keuken te staan en volgevreten het nieuwe jaar in te rollen. Maar toch wil je met het paasfeest wat lekkers op tafel zetten voor je familie. We maken allemaal wat. Mijn man mag het vlees kiezen (ik zoek het toetje uit, maar dat spreekt voor zich). Manlief kiest voor het enige schattige stuk vlees wat door de wei huppelt. Juist, een lammetje. Maar omdat ik graag ook een keer de vrouw-van-het-jaar-award wil winnen, zet ik het op mijn boodschappenlijstje.

Vandaag ben ik vrij vanaf 12 uur. Gauw race ik naar de makelaar, haal spullen op voor de open huizen route en de volgende stop is AH. Hier hadden ze allerlei lamlendig vlees, maar niet de lappen die ik zocht. Nou stond het recept ook in een boekje van de Jumbo, dus maak ik vanmiddag nog een ommetje. Eerst de boodschappen thuis afslingeren en op tijd komen bij Lina’s school. Die heeft paasuitvoering (vandaar de vrije middag). Heel de school treedt op. Ik smelt bij de kleutertjes en zie Lucje er al helemaal tussen staan volgend jaar. Maar langzaam kak ik in.

Mobiele paparazzi
Mobiele paparazzi

Zal ik even mijn mobiel checken? Nee, dat kan echt niet. Dus ik zet mijn glimlach weer op en kijk om me heen. Lientje zit ergens achteraan te wachten op haar beurt. En omdat ik niet de eerste was, zit ik niet vooraan. Dat wordt straks lastig fotograferen/filmen. Ik voel me wel heel ouderwets met mijn spiegelreflex camera. Ik zie bijna alleen mobieltjes de lucht ingaan. Alsof we naar een concert van een celebrity kijken. Maar je eigen kind zien optreden vervult je natuurlijk met trots. Als je haar überhaupt kunt zien natuurlijk. Wat duurt het lang. Mijn blik blijft hangen op een achterhoofd. Kalend, of beter omschreven, ik kijk tegen een vleespet. Maar de haartjes die er nog zitten worden overschaduwd door een pluimpje. Hoe noem je het anders? StaartjeEen staartje? Alsof er een witte rochel in zijn nek is gelegd. Waarom groeit dat daar? Voor de warmte? Om een steenpuist te verbergen? Of gewoon trots laten zien, dat er ergens nog wel haar groeit? Zucht, dat krijg je als ik moet wachten, dan ga ik me onzinnige dingen zitten afvragen. Ik moet me tegenhouden om niet op zoek te gaan naar mijn minischaartje, in mijn grote grabbeltas. Eén knipje en mijn uitzicht is gelijk een stuk verbeterd. Of er moet echt een steenpuist zitten natuurlijk. Wie weet groeien daar ook haren op…

Hé, daar komt Lina het podium op. Ik zwaai. Nu al trots. Kan ik mijn camera gebruiken, waarvoor ik hem heb meegenomen. Ze dansen en zingen op kuikentje piep en iedereen lacht en klapt. Ik niet, ik fotografeer en film. En geniet. Dit is overduidelijk de leukste act. Verder ben ik niet bevooroordeeld. Als de kuikens niet meer piepen, worden er nog wat rijmpjes opgedreund, met een zuur gezicht. Een schattig jongetje leest op een grote stoel een verhaaltje voor. Zo goed, dat ik de paardenstaart voor me moeiteloos negeer. Wat jongens doen een videoclip van Michael Jackson na, waarbij ze elkaar te lijf gaan met messen van hout en de paashaas een zombie is. Die de andere jongens duwt en schopt. Zogenaamd dan, maar de paasgedachte is ver te zoeken. Gelukkig mag mijn meisje het optreden met haar klas nog een keer doen. Fijn.

Hét lamme recept
Hét lamme recept

Als ze mee naar huis mag vertel ik haar hoe leuk ze waren. Ik zal haar thuis de film laten zien. Maar eerst langs de Jumbo voor Lam. Lina vindt het zielig. Grappig he, hoe dat werkt. Je kunt haar niet blijer maken met filet american, spek of een frikandel. Ook al vertel je welke rommel het is. Maar een lam, dat is zielig. Ik snap dat (niet dat ze het andere vlees wel lust). Maar je moet wat over hebben voor een ander. Helaas zie ik hier helemaal geen lam in het schap liggen. Twee giechelmeisjes gaan erover in discussie, terwijl ik heen en weer sta te wippen. Van ongeduld en pijn in mijn rug. Een uur op een houten stoel stil zitten is niet fijn. Maar ik klaag niet, ik kan tenminste zitten. Ben opgegroeid. Je zult maar lam zijn, dan word je afgeslacht tijdens een van de leukste periodes van je leven. Joyce, zet die emoties nou even aan de kant. Straks vraag je nog een zakdoekje aan de winkelmeisjes. Alhoewel ze niet echt aandacht aan me besteden. Als de slager me later komt helpen en me haarfijn uitlegt wat het verschil is tussen lamfilet en lamlappen, wil ik eigenlijk gewoon weglopen. Ik wil niet horen dat het vlees van zijn ruggetje zo lekker mals is, want hij heeft er maar even op gelegen. Mijn lip begint te trillen. Hij hoort te huppelen en lekker op zijn rug te liggen, terwijl zijn vader hem op zijn buikje kriebelt. Oké, bij wijze van spreken dan. De slager vraagt wat ik wil. Ik twijfel of ik nog even langs een ‘echte’ slager zal rijden. Maar mijn kuikentje naast me staat wit en slap tegen het wagentje. Ze is moe van het piepen. Dus ik bestel lapjes van een klein schaapje (klinkt nog erger), om zaterdag nog een keer langs de slachtbank te moeten.

Als laatste even langs de Emté, want ik heb nog steeds geen holle paaseieren voor die kinderen kunnen vinden. Of zou de winkel ze al verstopt hebben? Nee hoor, gewoon uitverkocht. De kerstkransjes liggen waarschijnlijk morgen al in de winkel. Wat moet ik mijn kinderen nu laten zoeken? Stukjes lam? En terwijl ik het typ denk ik, doe niet zo moeilijk. Verstop gewoon wat gewone chocolade paaseitjes. Heb je zakken vol van…in de winkel. Oeps, vergeten.

Deel