Tag Archives Tips

Baarmoederverwijdering

doorPosted on 4 Comments18min. leestijd658 gelezen

Wat ik zelf vaak doe, is online op zoek gaan naar reviews en tips. Ja, zelfs ter voorbereiding op mijn baarmoederverwijdering. Ik vond de meest uiteenlopende (oude) posts op fora voor moeders. Las over vrouwen die daarna opvliegers kregen. Heb ik totaal niet gehad. Dus dit is mijn verhaal, geen blauwdruk, wel eerlijk en met tips, wie weet heeft iemand er wat aan. Let op, er komen ook foto’s van mijn wondjes (uitwendig, om een beeld te geven van de kleine littekens) en van de operatie (inwendig!) voorbij.

Na 30 jaar bloed, stolsels en krampen kreeg ik eindelijk groen licht om mijn baarmoeder eruit te laten halen. Op 26 september 2025 moest ik me om 7.30 uur melden bij de balie in het Beatrix ziekenhuis en daarvoor nog bloed prikken. Braaf stonden we daar om 7.00 uur, maar de bloedprikpoli ging blijkbaar pas om 7.30 uur open, dus ik mocht door naar de afdeling en dan zou iemand daar nog een buisje bloed afnemen. Zo gezegd, zo gedaan. Maar ik dacht dus dat 7.30 uur ook de operatie tijd was. Dawasnie. Je krijgt dan je kamer toegewezen. Een mooi blauw overhemd-achtig ding aan. Beetje als een verfschort op school vroeger, met open ruggetje, maar zonder de verfspetters. Je mag dan nog wel je onderkleding aanhouden. Ik kreeg een bandje om mijn arm met streepjescode en alsof je een bonuskaart bent, komen ze elke keer dat bandje scannen en je geboortedatum en naam checken. Je bloeddruk wordt gemeten en je zuurstofgehalte met zo’n klemmetje op je wijsvinger. Ik kreeg te horen dat ik om 9.00 uur gehaald zou worden voor de operatie. Mijn maag knorde al, want normaal zat ik nu lekker aan mijn ontbijt. Niks te klagen, want als je ’s middags zou moeten, zul je meer last hebben van 6 uur nuchter zijn. Ik had wel ’s ochtends mijn ijzertablet en vitamine C ingenomen, dat was prima.

Ik zat helemaal relaxed op het ziekenhuisbed. Alles af te vinken in mijn hoofd.
– De planten had ik water gegeven.
– Teennagels geknipt. 
– Mezelf compleet geschoren (behalve mijn hoofdhaar, dat heb ik gewassen).
– Bed verschoond.
– Mijn plekje op de bank vol gelegd met zachte kussentjes, dekentjes en daarnaast; tijdschriften, schrijfblok, pen, puzzelboekje, telefoonoplader, afstandsbediening en uiteraard lippenbalsem. Oh ja en keelsnoepjes, want hoesten, dat wil je niet… 

Van het ziekenhuis kreeg ik het niet voorgeschreven, dus zorg dat je voldoende paracetamol en naproxen in huis haalt. Mocht je net als ik slecht pillen kunnen slikken, dan kun je een vermaler kopen (of paracetamol zuigtabletten, maar die vind ik goor) en het paracetamol poeder oplossen in water of door yoghurt oid mengen. 

In mijn kledingkast had ik een plank ingericht met zachte joggingbroeken, sweaters en jurken op makkelijke pak hoogte.

Een douchekruk is niet noodzakelijk, wel fijn, je kunt hem huren, ik leende hem van mijn schoonzus. 

Wat had ik mee naar het ziekenhuis;
– veel zacht katoenen ondergoed
– leggings, joggingbroek (alles met hoge zachte stretchband), sweatshirt, gewone shirts, sweatjurk
– lang slaapshirt
– toilettas met alles wat je ook meeneemt op een citytrip
– bril & brillenkoker (had geen zin in lenzen en mag ook niet tijdens de operatie)
– sokken
– badslippers en sloffen
– badjas (niet gedragen uiteindelijk)
– telefoon & oplader
– slaapmasker
– eigen hoofdkussen
– zacht dekentje

Ik kreeg een kamer voor mezelf, met kledingkast, tafel en stoel. Ik was daar zo blij mee. Heb weleens met 3 anderen op een ziekenhuiskamer geprobeerd te overnachten. Niet te doen, met alle controles, lampjes, piepjes en kuchjes van anderen. Vandaar mijn slaapmasker.

Net voordat ik de operatiekamer in ging, ontdeed ik me van mijn onderkleding en bril. Ik had al geen make-up of sieraden meer, wat af moest (nagellak mag trouwens ook niet). Mijn sokken mocht ik aanhouden. Er ging een dekentje over me heen, een laatste kus van Harm en ik werd weg gereden. Iedereen stelde zich netjes voor, maar ik zei dat ik ze nogal wazig vond zonder bril en toch niet zou herkennen. Behalve de arts, hij had een baard en donkere stem. Ik vertelde hem hoeveel zin ik hierin had. Ik hoorde gelach. 

Mijn arm werd omwikkeld met een doek en achterlangs strakgetrokken, zodat die geen kant op kon. Alles werd gecontroleerd en ze hielden me aan de praat over mijn vakantie toen ze narcose gingen toedienen (via zo’n plastic kapje wat ze voor je mond/neus houden). Terwijl ik me misselijk en draaierig begon te voelen en iedereen wilde toeschreeuwen dat ze hun mond moesten houden, besefte ik dat ik niet kon praten. En poef, weg was ik!

Ik werd een paar uur later versuft wakker op de uitslaapkamer. Ik kreeg een raket ijsje in mijn hand gedrukt en ik likte er automatisch aan. Mijn rauwe keel (van de intubatie) vond het lekker, maar omdat ik helemaal niet van raketjes hou, hield ik dat ding vervolgens een tijdlang stompzinnig in de lucht. Het ijsje werd weggehaald en de zuster zag me huilen. ‘Ik ben zo blij dat ik dit heb gedaan’, prevelde ik zachtjes. Ze gaf een klopje op mijn arm en liep door naar de volgende patiënt. Ik liet de tranen lopen. Nooit meer doorlekken. Onverwachts. Op vakantie. In de sauna. Op het werk. Geen pijnaanvallen meer. Geen bloedarmoede meer. Niet meer vies voelen. Weken bloeden. Nadenken over welke donkere broek ik aanmoest. Bloederige handwasjes. Kraamverbanden. Schaamte. Ik liet het allemaal los. Daar in mijn ziekenhuisbed. 

Terug op de kamer belde ik Harm. Ik was moe en misselijk, maar blij dat hij er daarna was en zijn warme handen op de mijne was echt even fijn. De katheter gaf me constant het gevoel dat ik moest plassen. De arts kwam vertellen dat alles goed was gegaan, weinig bloedverlies en de baarmoeder woog 185 gram (dus voor gewichtsverlies hoef je het niet te doen ;-), ook niet om van je PMS af te komen trouwens, want dat wordt aangestuurd door je eierstokken en die zijn bij mij blijven zitten omdat ik anders gelijk in de overgang zou komen). Nog meer goed nieuws: de zuster mocht de katheter verwijderen 🥳.

Eenmaal alleen op de kamer deed ik eigenlijk niks. Ik inspecteerde mijn (opgezwollen) roze buik (van het desinfecteren) en beantwoordde wat appjes. Totdat ik voelde dat ik moest overgeven en me over de reling boog. Dat vond mijn pijnlijke buik niet zo amusant, dus ik drukte op de bel en kreeg een kotsbakje. Na het innemen van de paracetamol, spuugde ik het bakje compleet onder. Het klotste eroverheen en ik haaaaat overgeven. Toen voelde ik me even zielig. Ik belde de zuster en ik kreeg in plaats van zoutoplossing een zakje tegen misselijkheid door mijn infuus. Dat hielp. Ik had niet echt honger, maar er is wel een uitgebreide menukaart waar je uit kon kiezen. Ik mag mijn eigen kleding aan en het lange T-shirt en een onderbroek was fijn. Ik kreeg er een maandverband in. Je krijgt veel controles op een dag en mag naast de paracetamol en naproxen ook oxycodon, maar dat wilde ik niet. Omdat je de hele dag ligt krijg je ook nog een tromboseprik in je been.

Heel de dag had ik geen aandrang, maar ik moest ’s avonds op de po-stoel gaan zitten en uiteindelijk kwam daar toch een hoop geklater in. Het voelde raar. ’s Nachts voelde ik wel weer dat ik moest plassen en liep ik meerdere keren met mijn infuus naar de wc. Slapen ging slecht. Ik had erg last van mijn nek en schouder. Blijkbaar komt dat doordat ze je buik vol lucht blazen. Ik had namelijk een baarmoederverwijdering via een kijkoperatie (laparoscopische hysterectomie). Hierbij maakt de gynaecoloog 3 kleine sneetjes in de buikwand, om een camera en instrumenten in te brengen om de baarmoeder los te maken en (vaginaal) te verwijderen. Om er goed bij te kunnen en de overige organen niet te beschadigen, worden die dus naar boven gedrukt door alle lucht in je buik. Daar had ik echt last van. Maar dat verdwijnt binnen een paar dagen. Qua buikpijn valt het verder te omschrijven als een zeurende menstruatiepijn, beurs gevoel en soms wat bonkende/stekende pijn bij de hechting vanbinnen. 

De volgende dag mag ik naar huis! Zo’n zin in. Thuis loop ik langzaam met Harm de trap op. Heerlijk onder de douche. Even zitten op de douchekruk en de warme stralen op mijn nek en rug, ik word daar echt blij van. De pleisters op mijn buik mogen nat worden. Het prikt ook niet. Zachtjes was ik het roze van mijn beurse buik. Harm helpt met het afdrogen van mijn benen en bij het aantrekken van alles onder de gordel 😉. Moe zak ik weg in mijn kussens op de bank. 

De komende dagen komt mijn ontlasting niet op gang en merk ik dat het me dwars gaat zitten. Ik bel het ziekenhuis en ze schrijven zakjes Macrogel voor om de boel op gang te helpen. Verder eet ik veel fruit, vezels en drink (en plas) me suf. Ik probeer ook in beweging te blijven door gewoon een beetje door het huis te lopen of bijvoorbeeld mijn aanrecht schoon te maken, dat is immers op stahoogte. Traplopen doe ik na dag 1 gewoon zelf, net als douchen. 

Op dag 5 haal ik voorzichtig onder de douche met een beetje doucheolie mijn pleisters eraf. Na het droogdeppen smeer ik er wat vaseline op. Wat een mooie sneetjes. Bij eentje steekt er een klein stukje hechtdraad uit, maar dat zal vanzelf oplossen, net als de rest. 

Inmiddels draag ik alleen nog een jurk, want mijn lekkere joggingbroek begint te knellen, omdat ik niet naar de wc kan. Ik vind bukken niet fijn, dus Harm trekt nog mijn sokken aan. Best fijn om hem elke ochtend op zijn knieën te zien gaan voor me 🥰. Hij werkt de eerste 2 weken thuis. Elke avond kookt hij en ik vind het heel schattig om hem de was te zien vouwen. Hier kan ik wel aan wennen 😉

Op dag 6 lukt het eindelijk om een beetje te poepen (niet persen, dat mag echt niet). Dit was dus na 3 zakjes van die vieze zoet-zoute Macrogel. Het deed geen pijn. Wel een zeurend gevoel in mijn buik en weer even bijkomen van deze inspanning 😊. Ook begin ik ’s middags met het halveren van mijn medicatie. Het vloeien (maximaal 3 druppels op een dag) is ook gestopt. 

Omdat ik me na een paar dagen al zo ‘goed’ voel, ga ik de kelder in om wat op te ruimen. Het was een bende en er komt binnenkort een taxateur. Ik werd daar echt van teruggefloten. De rest van de dag heb ik meer pijn dan normaal. Ik besluit stapels oude woonmagazines te gaan uitzoeken op de bank. Voel ik me toch nuttig en vind ik leuk. Krijg wel de behoefte om ons huis weer te herinrichten, dus ik zit ook veel op mijn telefoon op zoek naar een compleet nieuwe inrichting 😉

Met 7/8 dagen heb ik het gevoel alsof er een band om mijn buik zit. Een beetje alsof je een harde buik hebt voordat je gaat bevallen. Ook borrelt het enorm in mijn darmen. Ik heb gewoon honger en eet alles zoals normaal. Probeer weinig te snoepen, want anders rol ik straks als bolle Jos van de bank. Soms verlies ik nog een druppeltje bloed. Wellicht komt dat als ik een inspanning heb geleverd, door toch een was uit de wasmand te trekken en in in de machine te doen. Ik til niet met wasmanden ofzo. Mijn stoelgang werkt ook weer naar behoren. 

De wondjes dep ik na het douchen droog en degene die dicht zijn, smeer ik in met Cicaplast gel B5 van La Roche-Posay. (Bevordert het herstel van de huid optimaal: de barrièrefunctie van de huid wordt sneller hersteld. Kan gebruikt worden om kleine oppervlakkige littekens te masseren. Zorgt voor een soepelere, minder rode en minder pijnlijke huid.) Calendula olie schijnt ook goed te helpen. Alhoewel ik moet zeggen dat de sneetjes me totaal niet storen. Ja, ze jeuken soms, maar dan wrijf ik er zachtjes omheen. Maar ik vind ze verder prima. Het smeren doe ik puur om te verzorgen.

Na 10 dagen stop ik met de medicatie. Dat is goed te doen. De pijn is vaak een strak gevoel rondom mijn buik, een drukkend gevoel aan de onderkant (extra als ik moet plassen) en een soort trekkend/schurend/prikkend gevoel binnenin. Ik bespreek dit met een vriendin die op dag 12 een bakkie thee komt drinken. Haar vader is arts en daar heeft ze weleens van begrepen hoe complex het is om in een buik te opereren. Je buik bestaat namelijk uit ontzettend veel lagen (de huid, onderhuidse vetlaag, spieren, bindweefsel (fascia) en het buikvlies) en daar snijden ze doorheen om bij je baarmoeder te komen. Dat inzicht liet me beter begrijpen waardoor ik voel wat ik voel.

De arts die mij geopereerd heeft belde ’s middags, omdat de uitslag van het weefsel bekend is en ze zagen adenomyose. Dat is een vorm van endometriose, waarbij baarmoederslijmvlies in de spierwand van de baarmoeder groeit, wat hevige menstruatiepijn en overmatig bloedverlies kan veroorzaken. Ik vroeg de arts of ze dat niet op de echo hadden kunnen zien. Lang verhaal kort, op een mri is dat het beste te traceren. Nadat we opgehangen hadden heb ik nog een tijd met mijn vriendin zitten kletsen. Waarschijnlijk in een niet al te beste houding, want ’s avonds had ik meer pijn. Ook was ik boos en verdrietig. Ik heb al zo ongelooflijk veel onderzoeken, eendenbekken, echo’s en diagnoses gehad. PCOS. Indische/naar achterliggende baarmoeder, spataders aan de binnenkant, cystes gevuld met bloed, die openbarsten en pijnaanvallen veroorzaakten. Neem maar een Naproxen 500 + Advil 400 (later werd dit omgezet naar paracetamol). Mijn baarmoedermond werd verbrand/bevroren (Cryocoagulatie van de cervix). Jarenlang geworsteld en gedacht dat ik me misschien aanstelde. Niemand die ooit verder heeft gekeken. Na Luc zijn geboorte heb ik mijn toenmalige huisarts gesmeekt om mijn baarmoeder eruit te laten halen. Er werd gelachen. Ik moest daar niet te licht over denken. Ik was nog jong en wilde misschien nog wel meer kinderen. Nou nee, twee is echt mijn max. Ik kon op mijn kop gaan staan, maar werd weggestuurd met foldertjes over anticonceptie. Van de prikpil tot de nuvaring, ik heb het allemaal geprobeerd voordat ik kinderen kreeg. Dat wilde ik niet meer.

Ik legde me neer bij mijn situatie (een week pms, twee weken ongesteld, met minimaal 1 dag meerdere keren doorlekken, heftige krampen, verweekt bekken, bloedarmoede en pijnaanvallen). Vorig jaar stapte ik toch maar weer eens naar een gynaecoloog. Hij hoorde me aan, zag op de echo een ontzettend verdikt baarmoederslijmvlies en gaf aan dat er 3 opties waren: spiraal (maar gaf geen garantie voor het oplossen van mijn problemen), novasure (waarbij het baarmoederslijmvlies wordt weggebrand) en als aller aller laatste optie om de baarmoeder te verwijderen, maar dat deden ze niet zo snel. Ik kreeg wat (digitale) folders mee en zocht novasure op internet. Wisselende resultaten, waarbij ik veel las over het risico op verklevingen, waarna alsnog de baarmoeder verwijderd moest worden. Ik kwam er niet uit. Mijn schoonmoeder werd ziek en overleed en ik parkeerde mijn gedachtes over mijn menstruatie.

Mijn hormonen kregen een steeds grotere impact op mijn leven en de huisarts verwees me naar een overgangsconsulent. Ik belde op 2 mei met careforwoman en we kregen het over mijn menstruatie. Ze was vol begrip en vond dat ik alle reden had om mijn baarmoeder te laten verwijderen. Eindelijk voelde ik me gehoord. Ik maakte een nieuwe afspraak bij de gynaecoloog en ik kreeg een andere mannelijke gynaecoloog, die het dossier van zijn collega doornam en aangaf dat mijn baarmoeder verwijderen ‘zijn laatste optie’ was geweest en… Voordat de beste man zijn verhaal kon afmaken en me weer weg zou sturen, onderbrak ik hem:

‘Maar het is mijn 1e en enige optie!’

Doodvermoeid legde ik voor de zoveelste keer uit aan een man, waarom ik dit wilde. En ik liet me niet meer wegsturen. Eindelijk werd ik op de wachtlijst gezet. De arts die het eigenlijk geen optie vond, was de arts die me opereerde. En hij belde twee weken na de operatie. En vertelde doodleuk, dat na het zien van mijn baarmoeder, met de uitslag adenomyose, het verwijderen van mijn baarmoeder de enige juiste oplossing was. Joh… 

Dag 13 ben ik alleen thuis, best fijn. Maar ik doe dan wel teveel, want niemand die het ziet 🙈. De rest van de middag heb ik het gevoel dat mijn huid scheurt. Ik moet niet zo eigenwijs zijn en nestel me weer op de bank. Ik kan niks verdragen op mijn buikhuid.

De volgende weken blijf ik doorkabbelen. Na 4 weken bel ik de assistent van de gynaecoloog. Ik ben benieuwd of ik op mijn afspraak op 11 november een echo krijg, zodat we kunnen zien hoe mijn hechtingen inwendig zijn hersteld en hoe mijn blaas en darmen de ruimte hebben opgevuld in mijn buik. Ze verzekert me dat er altijd een vaginale echo wordt gemaakt. Ik wist niet dat ze door mijn vaginawand mijn ingewanden kunnen zien, maar dat is wel het geval wordt me verteld. Kunnen ze dan ook kijken of er ergens anders in mijn lichaam nog endometriose zit? Dat moest ik maar aan de arts vragen. Ik kan niet wachten.

Als er 4 weken voorbij zijn, ga ik een paar uurtjes naar mijn werk. Heel gezellig. Lekker wat anders. ’s Middags thuis sluipt de griep door mijn lage weerstand heen. De hele nacht zweten, rillen en overal pijn. Dat was lang geleden! Duurde gelukkig maar kort. Op naar week 5. Waarin ik heerlijk mijn menstruatie ondergoed in de prullenbak mik. Ik doe er nog net geen ritueel dansje omheen. Mijn voorraad kraamverbanden, tampons en maandverband stuur ik op naar het armoedefonds (is gratis, toptip). Zo wordt tenminste iemand er nog blij van. Voor mezelf bestel ik een roze badpak en veel roze & rood ondergoed. Zwart is voortaan een keuze.

Ik maak nog een foto van mijn wondje waarbij het hechtdraad geknapt lijkt te zijn. Mijn blauwe plekken zijn inmiddels overal weg.

Van een vriendin (waarbij de baarmoeder al eerder is verwijderd) krijg ik de tip om omega-3 te gaan slikken voor mijn huid. Even (online) opgezocht:
Hormonen uit de baarmoeder, zoals oestrogeen en progesteron, beïnvloeden de huid door de talgproductie, vochtbalans, collageenvorming en de bloedsomloop te reguleren. Schommelingen in deze hormonen kunnen leiden tot uiteenlopende huidklachten, zoals acne, droogheid of pigmentvlekken, afhankelijk van de levensfase. 
En wat zegt internet dan dat omega-3 doet voor je huid:
Omega-3 vetzuren verbeteren de huid door ontstekingen te remmen, de vochtbalans te verbeteren en de huidbarrière te versterken. Dit kan helpen bij huidproblemen zoals acne, eczeem en rosacea, en zorgt voor een soepelere, beter gehydrateerde en meer veerkrachtige huid. Ook kan het helpen bij het beschermen tegen huidschade door zonlicht en het vertragen van huidveroudering. Omega 3-vetzuren kunnen ontstekingen na een operatie helpen verminderen en u helpen herstellen.
Doe ermee wat je wilt.

Na 6 weken ga ik weer volledig aan het werk. Ook ga ik dan op controle bij de gynaecoloog/arts die mij geopereerd heeft. Ik heb hier zo naar uit gekeken. Tsja, bij hoge verwachtingen is de kans groot op teleurstelling. 

Toen ik vertelde dat het goed ging, mocht ik mijn onderkleding uitdoen en op de behandelstoel gaan liggen. Voeten in de steunen. Benen wijd. Naakt en op je kwetsbaarst. De arts schoof de eendenbek naar binnen, deed hem verder open en keek bij me naar binnen.
“Het ziet er goed uit, je kunt je weer aankleden’, vertelde hij terwijl hij de eendenbek uit me haalde.
Moest hij mijn uitwendige littekens niet bekijken? Ik vroeg het hem, ook omdat eentje niet helemaal dicht leek te willen. Dat kwam doordat daar een knoopje van het hechtdraad had gezeten. Over 5 maanden zou de paarse kleur weg zijn. Dat boeide me dan weer allerminst.
Nogmaals herhaalde hij dat het er allemaal goed uitzag en dat ik weer mocht vrijen. Mocht het dan gaan bloeden, dan moest ik nog maar een weekje wachten.
Zou een man beseffen hoe het is als je daar met je onderkant open en bloot ligt? Dat je vaginawand al beurs aanvoelt na een opengesperde eendenbek? En je nog helemaal niet de behoefte voelt dat een man aan de binnenkant tegen je hechtingen aan komt stoten? Dat dat dan kan bloeden en hoe hij dan in godsnaam denkt dat dat is voor een vrouw? Nee, niet mijn eerste gedachte is seks hebben nu ik hersteld ben, ik wil weer kunnen behangen, in bad, kunnen tillen, zonder kans op verzakkingen.
“Nou je krijgt geen verzakking door te tillen hoor, dat is gewoon aanleg, dus dan krijg je het toch wel’, was de reactie van mijn arts. Ik dacht toch echt…

Maar goed, misschien wilde hij dan nog wel een echo maken van mijn buik om te kijken of mijn organen (blaas, darmen) de plek van mijn baarmoeder hadden ingenomen, waarbij er niks in de verknelling lag ofzo. Nee, dat kon hij niet. Ik gaf aan dat ik twee keer random urine was verloren. Het was maar een beetje, maar toch.
De arts trok zijn wenkbrauw omhoog, ‘dat is echt hoogst uitzonderlijk en als je daar last van krijgt, dan kun je een afspraak maken met een bekkenbodemtherapeut, dan krijg je oefeningen en kom je er vanaf’.
Maar kon hij dan niet kijken of alles van binnen goed geheeld was, zat alles nog aan elkaar? Geen verdikt littekenweefsel? Nee, hij kon alleen naar binnen kijken door echt in mijn lijf te zijn. Maar ik had soms nog last van wat gekke pijntjes/klachten. De wonden zijn dicht, maar de complete genezing kan nog wel 4 tot 5 maanden duren, was het antwoord.

Ik kleedde me aan en toen ik plaatsnam in de stoel tegenover hem, begon hij weer dat alles er goed uitzag, dat ik alles weer mocht en gewoon weer kon vrijen. Ja, dat wist ik nou wel.
Misschien konden we de foto’s van mijn operatie bekijken, stelde ik voor. Hij zocht ze op in zijn computer en liet de foto’s zien. Ik vroeg of het apparaatje wat ik zag, of dat alles losbrandde. Het sealde en erin zat een mesje wat de boel daarna los kon snijden.
Bij de foto van mijn paarse baarmoeder antwoordde de arts nuchter: ‘hier is hij dood, je ziet dat de eileiders losgesneden zijn en omdat de bloedtoevoer is gestopt, sterft het orgaan af en wordt het paars. Het ligt nu bovenop je vaginatop’.
Op de foto daarna zag je mijn baarmoeder naar ‘buiten’ gaan. De laatste foto toonde mijn aan elkaar gehechte binnenkant. Ik vond het bizar om dat dikke zwarte hechtdraad en mijn ‘gesealde’ zijkanten te zien. Nu begreep ik mijn pijn op gekke plaatsen wat meer. De verwondingen zaten veel meer verspreid dan ik dacht. Dat kon je aan de buitenkant aan de kleine sneetjes niet aflezen.

Ik gaf aan dat ik het fijn had gevonden om dit soort beelden en uitleg voorafgaand mijn operatie te hebben gehad. Om te begrijpen wat er nou werkelijk wordt gedaan en verwond. Zodat ik ook wat meer begrip had gehad voor mijn lichaam en er wat liever voor was geweest.
De arts schamperde; ‘dat had geen nut gehad, want je weet vooraf totaal niet wat je gaat tegenkomen’. Vervolgens begon hij een verhaal over een andere patiënt waar ze bij het openmaken van de buik ontzettend verkleefde organen tegen kwamen. Dat hadden ze vooraf ook niet ingeschat. Euh, oké…
Hoe zat het met mijn endometriose, wist hij zeker dat het nergens anders in mijn lichaam zat? Ja, het zat alleen in mijn baarmoeder. Inwendig had ik al moed zitten verzamelen, maar het moest me toch van het hart.
Dat ik al 30 jaar lang met klachten heb gelopen en bij artsen en gynaecologen ben geweest. Dat er nooit iemand verder onderzoek had geopperd. Dat ik ben weggestuurd met folders over anticonceptie, novasure en een spiraal.
‘Een spiraal had wellicht ook geholpen’, hij haalde nog net zijn schouders niet op.
Maar waarom had hij geen MRI voorgesteld, waarom heeft nooit iemand dat voorgesteld, dan was ik 15 jaar geleden al voorzien van een diagnose en serieus genomen. Van mijn eindeloze klachten af.
‘Adenomyose zie je niet op een MRI,’ was de reactie van de man die me vorige keer door de telefoon had gezegd dat het niet te zien was op een echo, maar soms wel op een MRI.

Het wazige verhaal wat daarna kwam, over gespecialiseerde artsen in adenomyose/endometriose die het zelfs ook niet konden opsporen zonder echt in een lichaam te kijken door het open te maken.
Het gesprek voelde heel klinisch, praktisch, zakelijk bijna. Voor hem is dit gewoon werk. Voor mij gaat het om mijn lichaam en (kwaliteit van) leven.
We namen afscheid waarbij het kan zijn dat ik onder het mom van ‘ik heb geen baarmoeder meer’ kan hebben gezegd dat ik hem nooit meer hoopte te zien.

Teleurgesteld en verdrietig reed ik naar huis. Ik hoopte op erkenning. Al had hij maar gezegd: ‘wat vervelend dat je zo lang met je klachten hebt moeten lopen en dat er niet eerder een oplossing naar tevredenheid is geboden’. Nog steeds voelde ik me weggewuifd. Niet serieus genomen. Dit gesprek had een fijne afsluiting moeten zijn. Ik had taart willen halen, maar ik had geen behoefte aan taart, maar aan een knuffel. Een stukje begrip. Empathie. Menselijkheid. Voor alle vrouwen die dit hebben gemist tijdens hun zoektocht en operatie schreef ik deze blog. Je bent niet alleen. Je mag altijd een berichtje achterlaten (als het te privé is, kun je dat ook aangeven en dan stuur ik je via de mail een reactie terug). Deze blog is mijn afsluiting. Hopelijk vind jij de jouwe ook snel 🩷

Deel

Dag Noorwegen!

doorPosted on 0 Comments5min. leestijd182 gelezen

Dag 10

Inpakken en door naar Finnsnes (in Senja). 4,5 uur gereden in non stop regen. Alles om ons heen was lichtgrijs. We zagen de plek waar we van de week stopten om foto’s te maken van een brug. Geen vezel in mijn lichaam voelde nu ergens de behoefte om buiten ook maar iets vast te leggen. Vanachter mijn raam fotografeerde ik wel één van de helden die we onderweg tegenkwamen; een fietser.

Maar we zagen ook toeristen (een psychisch gezonde Noor zie je dat vast niet doen) wandelen. Niet op speciale wandelpaden, nee, die liepen levensmoe langs de vangrail. Met het hoofd gebogen, tegen de striemende slagregen. De rugzak volgepropt met klamme lappen, een vochtige slaapzak en natte tent. Die ze straks op een mooi drassig plekje op zouden gaan zetten, met uitzicht op een prachtig meertje, dat je niet kon zien doordat er vanuit de hemel met een legertje onuitputtelijke kärchers constant water naar beneden werd gespoten. Hoe idyllisch 🙈 Noem mij dan maar verwend. Harm achter het stuur, gezellige playlist op, beetje kletsen, lachen en ons bol etend aan ongezonde snacks. Leuke woorden opzoeken die we tegenkwamen zoals Sletbakken (de vlakte) en fiskestang (hengel). Ik boekte alvast een afspraak bij de kapper voor volgende week en maakte een boodschappenlijstje voor bij thuiskomst. Ik ben er denk ik klaar voor. Om naar huis te gaan 😊

Om 14.55 uur kwamen we aan bij Finnsnes Gaard. Er was geen receptie. In de papieren stond dat we de inlogcode voor ons huisje 48 uur voor ons verblijf hadden moeten krijgen. Das nie gebeurd. We belden met onze travel counselor. Die nam niet op. Het hoofdkantoor dan. Die kon niks vinden en zou ook contact opnemen met onze contactpersoon. Die belde even later dat hij naar het hoofdkantoor in Engeland zou bellen. Wachten in een auto terwijl je allemaal naar de wc moet en de regen tegen de ramen beukt, voelde alsof elke minuut er één teveel was. We belden de locatie zelf en na een uur wachten, kregen we eindelijk de code van het huisje. Na een sanitair bezoek concludeerden we, het is echt leuk hier. Houten huisje met uitzicht over de zee en lekkere benen-omhoog-stoelen, die ik uiteraard omdraaide, voor uitzicht over het water.

Lekker een taartje eten in de buurt. Fruene på Torget is kleurrijk en ouderwets tegelijkertijd, ik denk dat ze de kringloop om de hoek (die helaas gesloten was) hebben leeg gekocht. Heel knus.

Beetje door het winkelcentrum gelopen en geëindigd bij de Burger King. Het was droog! Luc opperde om de tortilla slap te doen. Oftewel, neem een slok water en sla omstebeurt met een tortilla iemand vol in zijn gezicht. Tenminste, dat dacht ik, dus ik stond al klaar om uit te delen, maar je bleek eerst ‘steen-papier-schaar’ te moeten doen. Hoe dat werkte begreep ik niet, ik had steen en Luc papier, maar ik dacht aan een presse-paper, oftewel je gebruikt een steen op papieren, zodat ze niet wegwaaien. Zo bleek dat niet te werken. Voelde ik aan de slag die Luc uitdeelde. Die greep zijn kans. Ik stikte bijna in mijn water. Mijn wang gloeide. De spelregels negerend ging ik ook achter Luc aan. Helaas braken de wraps vrij snel af, dus vlogen de stukjes hem om de oren. Harm dacht dat de meeuwen dat wel zouden lusten. Dus toen we allemaal gezegend waren met een brandend wangetje en nat van andermans uitgespuugde water, voerden we de vogels de tortilla’s. Hoefden ze zelf alleen nog een visje in te rollen, voor een viswrap, leek ons een uitgebalanceerde maaltijd.

Harm voelde nog even aan het zeewater en dacht wel dat hij hier morgen in kon zwemmen. Wordt vervolgd…

Dag 11

Niet echt lekker geslapen afgelopen nacht. Een houten huis is charmant, totdat er iemand (lees: Luc) boven je ‘slaapt’. Elke keer dat hij opstond om welke reden dan ook, leek het of hij met klompen aan de Horlepiep aan het dansen was. Ik lag op mijn rug naar het plafond te staren en luisterde naar het water wat buiten tegen de rotsen klotste en dacht aan Piet. Lag hij ook zo in bed naar de zee te luisteren toen hij in Noorwegen was? Piekerde hij, of genoot hij van het omringd zijn met water, goed gezelschap en prachtige natuur? Ik hoop het laatste.

Het werd zoals altijd vanzelf ochtend. En onze Fishermans Friend die op het terras stond had een zonnetje tevoorschijn getoverd. Dus niets stond Harm in de weg voor een verfrissende duik. Daar kon ik ook niet echt lekker van slapen, het idee dat hij op de rotsen zou klappen, kramp zou krijgen of een dodelijke kwal tegen het lijf zou zwemmen. Moest ik erachteraan duiken en dat Luc dan op de kant zijn beide ouders zou zien verdrinken? Wat was het noodnummer ook alweer? 113? Of kwam dan de dierenambulance de kwal reanimeren? Ik kan met dit soort gedachten een nachtvullend programma verzorgen. Terwijl Harm rustig heeft gezwommen en gewoon zonder hartaanval uit het water is gekomen. Een zeer goed begin van mijn dag kan ik je vertellen.

Held
Onze Fisherman Friend

We moesten weer 2,5 uur rijden naar het vliegveld van Tromsø. We genoten van het mooie weer en van een hyper puber die ineens uit volle borst vanaf de achterbank gilde; ‘Hé Josti, lust jij een tosti?’ Ook hij had zin om naar huis te gaan. Nog wat laatste mooie foto’s maken onderweg naar een bijzondere bestemming voor mij. Vanmorgen nog weten te regelen, er was precies nog een momentje om 13.30 uur bij Tromsø Classic Tattoo. Het werd een tatoeage van een North Star.

‘De Nautische ster is de oudste ster die als tattoo wordt gezet. Het ontwerp is een combinatie van de punten van een kompas en de Poolster. Zeelieden gebruikten deze voor de navigatie op zee, en geloofden dat de tatoeage hen zou beschermen en veilig naar huis zou leiden.’

Deze tatoeage wilde ik eigenlijk zetten met Piet, maar ik heb het hem nooit durven vragen. Net na zijn overlijden heb ik eraan gedacht, maar toch niet gedaan. Gisteravond voelde ik ineens dat ik het heel graag wilde. Juist in Noorwegen. Waar hij zijn laatste mooie reis beleefde.  Ik heb het ontwerp iets aangepast. Hij doet me denken aan een kompas, (vallende) ster, water, sparkling, leven & dood, Piet, een traan, genieten, Noorwegen en onvergetelijke mensen en reizen.

We hebben deze dag nog geprobeerd een kaarsje aan te steken bij verschillende kerken, dat is niet gelukt (kerk gesloten of geen kaarsen). Maar het is oké. Want Piet was erbij. We zwommen in het water waar hij in heeft gevaren, liepen in zijn voetsporen, ademden dezelfde frisse zilte lucht en keken ’s avonds naar dezelfde roze kleurende hemel. Misschien gaan Harm en ik nog een keer terug in de winter, voor de orca’s en het noorderlicht. En dan nemen we je gewoon weer mee, lieve Piet. Je bent er altijd bij en zult dat altijd zijn. Voor nu is de cirkel rond. We gaan naar huis 💗

Dag mooi Noorwegen met je prachtige vergezichten

Deel

Noorwegen – deel 3

doorPosted on 1 Comment9min. leestijd558 gelezen

Dag 8

Deze dag stond Henningsvaer op het programma, een soort schiereiland in de Lofoten en helemaal aan het eind daarvan ligt ineens random een voetbalveld. Wel weer 2,5 uur rijden. Je mag vaak maar 50 km per uur, dus we zaten meestal lang in de auto. Luc keek dan TikTok (de omgeving zal hem echt roesten) en at snoepjes. Je hoorde hem niet, behalve als de hotspot van Harm wegviel. Gisteren op de ribboot keken Luc en ik elkaar met een brede glimlach aan, ons kan het niet snel genoeg gaan. Maar de potvissen boeiden hem niet bepaald. Ondanks dat ik het ergens wel snap (als hij een potvis wil zien, checkt hij TikTok wel of er niet ergens eentje plots uit de lucht komt vallen en een fietser verplettert oid) maar toch vond ik het een beetje jammer.
‘Wat vind je dan wel leuk?’, vroeg ik hem.
Hij haalde zijn schouders op, ‘weet ik veel, misschien zeevissen ofzo’.
Ik beet even een paar groeven extra in mijn tong, want in Nederland had ik dat al voorgesteld, maar toen hoefde het niet zo nodig…
Oftewel, deze morgen zocht Harm uit waar je kon zeevissen. Heel toevallig in Svolvaer, in de buurt van Henningsvaer.

Let’s go! Leuk, al die kabbelende beekjes en klaterende watervalletjes, maar dat bleek inspiratie voor mijn blaas, die spontaan ook zin kreeg om te wateren. Het scheelde dat ik een blije roze plastuit had aangeschaft voor deze reis, maar dat ik deze in de koffer in het huisje had laten liggen. Dus dat werd ouderwets op een parkeerplaats tussen twee autodeuren in mijn sandalen plassen. Zakdoekjes en hygiënische doekjes gaven niet de verfrissing die het watervalletje verderop in Maryland gaf. Je denkt me te zien poseren voor de foto, maar in feite spoelde ik gewoon mijn voeten schoon 👍

Plaatsnamen als Fiskebøl en Friskenes gaven me een heel welkom gevoel hier. Lofoten klinkt dan wat minder verfijnd, maar zijn wel uitgeroepen tot de mooiste eilandengroep wereldwijd (op Hawai na, volgens de visser). Het was ook echt adembenemend mooi. Net als het weer vandaag, dat scheelt. We gingen met een groep anderstaligen aan boord van de vissersboot en voeren eerst een half uurtje, waarna de sonor onder de boot uitsloeg, er was vis gesignaleerd. Hengels in het water! Luc zijn draad stond binnen 5 minuten strak en ja hoor, hij ving als eerste een vis. Een koolvis heb ik me laten vertellen.
‘There are dolphins on the left side, folks’, klonk er door de speaker.
Yes! Ik zag ze! Dit keer zou ik ze vastleggen, door niets zou ik me laten tegenhouden.
Ik pakte de zoomlens erbij en Luc begon ineens naast me te stuiteren, ‘dit is een grote!’
Toch maar voor mijn kind gekozen. Hier was geen zoomlens voor nodig, zo groot was de tweede vis die hij ving. Het leek de nek van het monster van Loch Ness wel. De engnek bleek een lungfish te zijn. Nog nooit van gehoord. Niet dat dat wat zegt. Het monster was ca. 8 kilo en een meter lang. De grootste vis gevangen deze trip. Luc werd telkens gecomplimenteerd met zijn goede vangst. Mooier ging het niet worden. Wat was hij trots.

Op een gegeven moment zaten we boven een school vissen. Er waren mensen bij, die vingen er vijf in één keer. Luc zijn record stond op vier aan 1 hengel. De gevangen vissen gebruiken ze altijd, de groten maken ze filets van en de kleintjes gebruiken ze om zee-arends mee te lokken op één van hun andere trips. Luc trok ook nog een ander eng vissig wezen uit het water, hij hoefde de Haddock echt niet zelf vast te houden, dat mocht Harm doen. Ik maakte uiteraard foto’s, maar ik zat vaak ook heerlijk in de zon over het water uit te kijken (ook omdat ik het dierenleed niet constant onder ogen wilde komen). Blijkbaar zat ik in de buurt van de bak waar de vissen in bewaard werden. Merkte ik toen er een vis vanaf een afstand in werd gegooid en er zeewater, bloed en vissap over me heen werd gespetterd. Voelde ik daar wat nats bij mijn mondhoek? Het kan zijn dat ik herhaaldelijk gekokhalsd heb. Ook werd er door een of andere mafklapper zijn vis binnengehaald en op mijn mooie beige rugzak geslingerd. Die heb ik stante pede schoongemaakt met mijn immer blij makende hygiënische doekjes. Mijn walging was wel compleet toen Harm en Luc besmeurd raakten met vissenbloed, – poep en – smurrie. Het bloed droop gewoon langs Harm zijn been en de kleding van de mannen zaten ineens onder de ondefinieerbare vlekken. Ik kreeg daar vlekken van in mijn nek. Wat voelde ik me vies. Het scheelt ook maar 1 letter. Vis. Vies. Ik dacht aan Lina, die had ter plekke de vissen gevoerd met een constante stroom aan braaksel. Zeker als ze had gezien hoe de vissen werden schoongemaakt. Zelfs Luc draaide zijn hoofd weg bij het kraken van de nek en het eruit halen van de ‘spullen’, zoals Luc de ingewanden noemde. Deze werden overboord gegooid voor de meeuwen. Die vraten trouwens gewoon vissenkop, – vel en – vinnen uit je hand. Nou nee, niet uit mijn hand. Iemand anders hand.

Na de boottocht was er geen moment van opfrissen, nee, we reden door naar Henningsvaer, we waren nou toch in de buurt.

Bijna altijd bergen op de achtergrond
Love my Teva’s 😉

Zwoele lucht, rotsen en water trok vele toeristen aan, in de buurt van het voetbalveld. Er vlogen meer drones dan voetballen over het kunstgras.

Maar om 21.00 uur was het eindelijk zover, tijd om richting het huisje te rijden. Nog 2,5 uur en dan eindelijk douchen, dacht ik toen ik in de autostoel plofte. ‘Ik ben echt heel blij, mama’, klonk er vanaf de achterbank. Daar doe je het voor 😊

Dag 9

Een dag zonder planning. Beetje rommelen in het huisje en na de lunch speelden we scrabble. Vorig jaar gekocht op Zakynthos. Het halfkartonnen speelbord stond bol. De letters gleden eraf, dus glazen erop en heel voorzichtig doen. Wat niet voorkomt in het brein van Luc, dus als hij niet aan de beurt was probeerde hij een natte kwijlvinger bij Harm in zijn oor of neusgat te boren. Je dacht dat ze op de foto lachten om het spel, omdat ze scrabble zo leuk vinden? Dan toch echt alleen als ze mijn te leggen woorden konden dwarsbomen of in discussie konden gaan over wat ik neerlegde, zoals; ruwt.
Harm; ‘dat is geen woord, maak er dan een zin mee’.
Ik; ‘hij ruwt’.
Google bracht uitkomst over dit soort twijfelachtige kwesties. Maar het grote lachen bij de mannen kwam toch echt van het elkaar tussendoor onverwachts stompen.
‘Dat is toch niet gezellig’, probeerde ik nog.
‘Mens, erger je niet’, kwam er proestend van het lachen uit. Echt twee handen op één buik, die twee.
‘Ja, maar ik vind het niet gezellig, ik heb ook vakantie’, hoopte ik het boksgedrag te stoppen.
‘Daarom slaan we jou ook niet’, vonden ze zelf heel grappig. Die moesten duidelijk wat energie kwijt.

De buurman had aangegeven dat Bø mooi is. Hengel mee. Nou vonden wij Bø net zo bruisend als een glas lauwe appelsap, maar we waren er toch, dus kon Luc er net zo goed even vissen.

Het waaide hard en we hadden ook wel trek. Dus een uurtje rijden naar Sortland. Met een kleine tussenstop, want Harm spotte een eland! Het beestje stond ons net zo appelig aan te kijken, als wij hem. Er kwam er nog eentje uit de bosjes. Toen zij ons zag, ging ze ook in standje standbeeld. Het leek bijna alsof er twee opgezette elanden in het gras stonden. Heel bijzonder. Sowieso, want ze houden zich in deze tijd van het jaar normaal gesproken overdag schuil en worden ’s avonds pas actief. Niet dat ze nu zo levendig waren, maar uiteindelijk kozen ze ze er toch voor om door te hobbelen met hun O-beentjes.
‘Gaaf hè Luc’, probeerden we ergens enthousiasme bij hem aan te boren.
‘Enorm’, was zijn onverschillige antwoord.

Time for Food. Harm wilde weleens een verse Noorse vis eten en ik had geen zin om te koken, dus we kwamen uit bij een mooi restaurant. Wat vooral heel leuk is als je alles lust. Harm bestelde iets vissigs. Luc bestelde een broodje met spicy chicken. Without spicy, without sauce, without salad, just plain chicken on bread. Het meisje schreef driftig mee. Maar toen ik vroeg om een visgerecht zonder vis en kip daarvoor in de plaats, keek ze me bevreemd aan. Nee, dat ging ze echt niet aan de chef vragen, die was heel trots op zijn gerechten. Prima, doe dan maar nacho’s zonder jalapeño’s. Toen mijn bord werd neergezet, twijfelde ik, ik bestel nooit nacho’s, maar dat was het minst vieze op de kaart, maar die groene schijfjes bovenop leken toch verdacht veel op jalapeño’s. Ik keek omhoog en Harm knikte lachend. Ach, dan schoof ik ze aan de zijkant. Luc zijn burger kwam, je raadt het al, in vol ornaat. Sla, tomaat, hete saus erop en mayo eronder. Harm lust zelf alles, dus die gaat dan in de herhaling; ‘proef nou maar gewoon’. Als het niet te nassen was, mocht hij het uitspugen in zijn linnen servet. Hij nam een spinnenhapje, kauwde niet eens en pakte zijn servet er al bij. ‘Ze krijgen geen fooi hoor’, zei ik tegen Harm. Alsof ze ineens Nederlands verstonden, kwam er uit het niets een mannetje aangesneld om te vragen of alles naar wens was. Luc zijn burger ging mee terug. Hij kreeg een nieuwe. Mét grote kwak zure mayo eronder…

Dag 10

We werden wakker van de regen die tegen het raampje tikte. We konden lekker lang blijven liggen, want we hadden nog geen definitieve plannen voor vandaag. Ons ritme hier was sowieso wat verschoven. We bleven langer op, want wilden het maximale uitzicht hier meemaken. Het is echt een bijzondere plek. Daar wilde ik nog een paar mooie foto’s van geschoten hebben. Terwijl Harm en ik gisteravond laat net stonden te poseren, kwam de buurman weer aangelopen. Die ging lekker ongemakkelijk op 18 meter afstand van ons staan, terwijl wij verschillende poses aannamen. We zijn er uiteindelijk maar mee gestopt.

Gelijk kwam de buurman aangesneld om te kletsen. Het zal ook best eenzaam zijn hier in zijn eentje. Hij bleef maar kletsen, terwijl ik vernikkelde in mijn dunne zomerjurkje. Maar we waren het erover eens wat een mazzel we hadden met het weer. De meeste zomers regent het hier blijkbaar, met af en toe een droge bewolkte dag tussendoor. Dus dat het nu bewolkt en regenachtig was, namen we zoals het was. Daar hadden we ons vooraf ook op ingesteld, dat dat kon gebeuren. Maar als het hier constant had gegoten, was ik niet zo positief gebleven. Nu kijk ik terug naar de warme zonnige dagen, we hebben nota bene gezwommen en een stralende dag op een boot doorgebracht. We moesten alleen wel bedenken wat we dan gingen doen vandaag, eigenlijk wilden we (Harm en ik, Luc was niet bijster enthousiast) hiken. En misschien naar een rendieren verblijf. Eerst maar eens de Chubby Bunny challenge met Luc aangaan. Hij liet gisteren een TikTok zien van een of andere koekwous die marshmallows in zijn mond propte en dan Chubby Bunny probeerde te zeggen. Wij probeerden achteraf gezien zoveel mogelijk witte spekjes in onze wangen te prakken zonder over onze nek te gaan. Harm filmde en wachtte af wie er als eerste zou stikken. We stikten wel, maar dan van het lachen. Luc wist 8 marshmallows naar binnen te werken. Ik hield het bij mijn geluksgetal; 7. Mocht je de behoefte voelen dit thuis te proberen, doe als Luc en knijp ze eerst fijn. Oh en doe niet als Luc en laat de witte brij op de tafel uit je bakkes vallen. Het plakt zoals je denkt dat het plakt; als samengeklonterde marshmallow met speeksel 👍

Het klaarde zowaar op en we wilden graag nog rendieren zien. Luc niet, die ging liever vissen. Gelukkig zat het rendieren verblijf in de buurt. We kregen eerst wat uitleg en daarna mochten we ze voeren. Met een soort mos waar oma’s kerststukjes mee maken. Het voelde niet helemaal goed, deze dieren horen in het wild te leven, waarom voeren? De Sami vrouw legde uit dat het door klimaatverandering komt, dat het noodzakelijk is om de rendieren bij te voeren. Ik had nog nooit een witte rendier gezien, laat staan gevoerd of geaaid (voelt en ruikt net zoals een natte Nederlandse geit).

Bijzonder

Op de terugweg nog even gelachen in de supermarkt om de namen van het eten, zoals Lapskaus en toppertje: Grove Middagskaker. We slaan even over.

In de buurt van onze locatie staat een minihuisje bij het water, voor egels, eenden, mini rendieren? Het intrigeerde mij en nu wil ik er ook zo eentje (oké, misschien liever in het wit) thuis bij de vijver, voor als onze kikkers eens een feestje willen geven 👍 Ook hebben we inspiratie opgedaan voor een nieuw hekwerk op het balkon. Zou toch jammer zijn als we terugkwamen van vakantie en niet meteen aan een nieuwe klus konden beginnen? Eerst maar een klusje hier zien op te lossen; krassen op de huurauto. Harm had gek genoeg niet in de gaten dat er een rotsblok tussen de overwoekerende grassen verstopt was. Misschien kan hij ook nog even snoeien hier 😉

Minihuisje bij het water. Mét vlaggetje 😍

Deel

Noorwegen

doorPosted on 9 Comments11min. leestijd2067 gelezen

Dag 1

Ik zou mezelf geen digital nomad noemen. Allebei de woorden komen niet in mijn (uiteraard papieren) woordenboek voor. Maar die gaan we uitbreiden. Ik ga gewoon naar Noorwegen én polarsteps gebruiken! De reis zit er inmiddels op, dus nu kan het op mijn blog gedeeld worden.

‘Heb je je jas nog meegenomen?’, vroeg ik mijn wederhelft toen we bij Gorinchem reden. Het bleef verdacht stil. Dat werd winkelen. Yes! Er kwam wel genoeg geluid van de achterbank in de vorm van gesmek. Alsof er een tandeloze bejaarde op 3 zuurtjes tegelijkertijd lag te sabbelen. Lina had heel lief ca. 83 zakken Haribo in een mega diepvrieszak gegoten voor Luc. Ze twijfelde nog over Red Bull. Wij hadden visioenen van Luc die in het vliegtuig als een grootpotige spin over het plafond zou kruipen en bij elke passagier fluoriserend braaksel achterin de kraag zou spuiten, terwijl hij met zijn ogen draaide en brulde: ‘wie zoet is krijgt lekkers’. Alhoewel, als hij zo door zou blijven eten, was zijn knapzak leeg voordat we in het vliegtuig zaten morgen…

Eigenlijk had ik het moeten weten. Als je een familiekamer kunt boeken in een hotel, dan betekent dat dat die geboekt worden door gezinnen. Met kinderen. Gillende kinderen. Die ouders hebben die het toestaan dat hun hele nageslacht als een combinatie van krijsende meeuwen en op de vlucht slaande bizons ’s avonds laat over de gang rennen. En net als je denkt, ga ik wat aantrekken en er wat van zeggen, dan werden er deuren dichtgeslagen en was het even stil. Dan legde ik mijn oor weer op het samenklonterende wattige kussen. Het was 29 graden. Ik wil daar niet over klagen na weken vol regen, maar er was geen airco en de dekbedden waren overduidelijk niet van een ademend stofje gemaakt. Luc lag ook gigantisch te draaien in het bed naast ons. Dat zou een lange korte nacht worden.

Dag 2

Om 4.10 uur ging de wekker. Het vliegveld was gelukkig maar 10 minuten rijden. Lange rij bij de incheckbalie, Harm vond een kortere rij. Na een kwartier schuifelen viel me op dat er een afbeelding van een rolstoel boven de balie hing. Ik wees Harm erop en die wuifde het weg, de rest van de rij had toch ook geen rolstoel?
Nou dan. Weer een kwartier later kwam er een medewerker naar onze rij gelopen en hij sprak de mensen voor ons aan. Nou is mijn Duits echt bar slecht, maar ik begreep heel goed dat hij ze vroeg waar hun rolstoel was 👍. Luc bood aan om kreupel op de grond neer te vallen, maar ik was bang dat dat de boel alleen maar extra zou vertragen.

Eenmaal bij de security aangekomen werden Harm zijn rugzak en onze trolley eruit gehaald voor een check. De man ritste voorzichtig Harm zijn tas open en de zorgvuldig erin gepropte electronica vloog hem om de oren. Hij hield de GoPro stick bevreemdend omhoog en bekeek hem van alle kanten. Zou hij hier een wapen in zien? Hij legde hem voorzichtig terug, alsof het daadwerkelijk om een bom ging. Zijn speurende handen gingen verder. Harm besloot te helpen; ‘kijk, hier is nog een vak’ en trok zijn laptop, iPad en tijdschriften eruit. De man verdween met zijn hele arm in dit geheime vak en trok daar triomfantelijk een kinderschaar met groen handvat uit. Harm begon te stamelen, ik zag het al helemaal voor me hoe hij geboeid afgevoerd werd, Luc en mij snikkend achterlatend. Maar de beveiliger stopte alles in zo’n grijze bak en wuifde Harm weg. In onze trolley bleek het verdachte wapen mijn slipper te zijn. Nou had ik daar vannacht best wat kinderen mee in het gezicht willen klappen, maar het bleef bij die fantasie. Ook ik mocht gaan.

Nog even Duty Free winkelen met Luc. Er gebeurde een wonder; ik kocht niks. Luc besteedde zijn geld aan lego en ik drukte hem op het hart om het te bewaren voor als we in het huis in Øksnes zouden zijn en hij zich zou vervelen, anders zou het straks allemaal door het vliegtuig rollen.
Tuurlijk mama, goed idee.
Even later in het vliegtuig werd de doos open gerukt en zelfs zonder turbulentie vielen er onderdeeltjes op de grond en kroop Luc over de vloer om een lego-stukje tussen de stoelen vandaan te pulken…

We verbleven in Tromsø Enter appartement 118. Op loopafstand veel winkels en horeca. Gezellig! Luc had meer zin om zijn TikTok te verkennen dan de stad, dus die bleef even in het huisje. Harm wilde graag naar de Tromsø Cathedral, maar de brug ernaartoe was afgesloten. Dan maar in de buurt de toerist uithangen. Ik merkte dat we een bepaald beeld hebben van Noorwegen (vergezichten met spiegelende meren waar rendieren uit drinken en idyllische bergen maken het perfecte plaatje af). Maar dat is meer de ongerepte natuur en natuurlijk wat anders dan het centrum. Alhoewel het heerlijk rustig was ten opzichte van de vakanties die we gewend zijn. Het weer was geweldig, warm, maar niet als een Griekse föhn. Winkels zonder toeristenmeuk op elke hoek, leuke gallery’s, maar zelfs ook vintage winkeltjes. Uiteraard moest ik daar even checken of er nog een pareltje (van een spiegel) te scoren viel.

Op de weg terug naar ons huisje belandden we op een prachtige plek, een grote boom, met daarachter tafeltjes waar mensen gezellig naar live muziek luisterden. Een man op de gitaar en vrouw met een heerlijke stem. We genoten en gingen later met Luc terug, want we hadden een viswinkel gespot. We pakten een terrasje en liepen daarna langs een mooi kerkje. We wilden graag een kaarsje voor Piet aansteken, maar hadden geen contant geld bij ons. Morgen weer een dag 👍

Dag 3

Toch wel vermoeiend gisteren, zo’n eerste echte vakantiedag met weinig slaap, reizen, warm weer en ruim 15.000 stappen zetten. Ik denk een record voor mij. Dat ik het volhield heeft vast te maken met mijn (speciaal voor deze vakantie aangeschafte) Teva sandalen. Soms denk je dat je dingen nooit in je leven gaat doen, bijvoorbeeld op het gebied van voetbekleding. Totdat ik zwanger raakte en ik mezelf ineens op Birkenstocks voorbij zag waggelen. En toen Luc nog een heel klein Lucje was en het liefste op blote voeten of kaplaarsjes liep, ik voor hem lieve kleine Crocs kocht. Donkerblauw met een wit en rood streepje. Ik weet het nog precies. Hij kon ze makkelijk zelf aantrekken en het stond hem ook zo koddig. Daar dacht Harm anders over. Net als over mijn nieuwe sandalen. Die zijn gisteren het gesprek van de dag geweest, Luc deed ook graag mee om ze belachelijk te maken. Ze zijn gewoon jaloers 😉

Het is 6.28 uur wanneer ik bovenstaande heb geschreven. Heerlijk geslapen! Buiten krijsten de meeuwen. Wat een verademing na al die gillende kinderen. Ik zag hier sowieso weinig kinderen. Misschien worden die binnen gehouden, totdat ze de leeftijd hebben dat ze niet meer gillen 👍. Heerlijk land dat Noorwegen.

Vandaag wilde ik een klimtocht doen. Luc was sowieso geen voorstander; ‘ik kom hier voor mijn rust’. Aldus onze bejaarde puber. Maar de klimtocht was volgeboekt en misschien ook wel iets te warm, dus we gingen met de auto op pad. Harm had twee plaatsen gevonden waar we naartoe reden, de eerste was vissersdorpje Sommarøy. We waren nog steeds hongerig naar mooie vergezichten. Dus we stopten bij een meer en stapten er er langzaam in. Heellllll verfrissend. We moesten wel voorzichtig zijn, want we zagen een zalmroze kwal en een paar transparante blubbertjes met een paarse bloem op de rug. Echt bijzonder. Niet bijzonder genoeg om ermee in aanraking te willen komen.

De volgende stop was een brug. Daar speelden de mannen met de drone en maakten geweldige beelden. Luc en ik besloten de wc te gebruiken in het idyllische houten huisje op de parkeerplaats. Luc ging als eerste. ‘Hoe nodig wil jij plassen?’ vroeg hij toen hij eruit kwam. Het is geen dixie, het is een mooi houten hutje in Noorwegen. Hoe erg kan het zijn? Erg. Visualiseer een mosterdkleurige wc-pot. Die zat echt vol met schijt. De pot zelf hè, niet op de bodem. Het verrassingseffect werd groter als je dichterbij kwam, dan zag je dat er geen bodem was. Je keek naar een soort uitgeholde grot vol stront. Niet gecamoufleerd door enig chemisch goedje, nee, je zag gewoon de drollen van je voorganger opgestapeld liggen. Ik word weer misselijk als ik het typ. Waar zou ik zijn zonder mijn hygiënische natte doekjes om mijn handen mee te ontsmetten? Ik heb mijn aandelen daarin gelijk weer opgehoogd.

Laten we ons verder opfrissen op de tweede hotspot vandaag; een strand waar de Noren zelf ook naartoe gaan, in Grøtfjord. Luc bedankte voor het aanbod om te zwemmen en verschanste zich liever op de achterbank met snoepjes en een ander soort hotspot. Dit is de laatste echt warme dag tijdens ons verblijf, dan willen we de kans niet voorbij laten gaan om te zwemmen in de Noorse zee. Eerst is daar de pijnlijke kou en langzaamaan voelt het alsof de beentjes in brand staan, totdat je ze helemaal niet meer voelt. Wim Hof kan nog een ijsklontje zuigen aan deze ervaring 😉

Terug naar Tromsø, waar Harm nog een Hurtigruten fotografeerde, op zo’n soort schip had Piet zijn Noorse avontuur op beleefd. We wilden dan ook nog steeds graag een kaarsje voor hem aansteken in Noorwegen. Dit keer mét losgeld op zak liepen we weer richting het mooie kerkje. Dat blijkbaar al om 16.00 uur zijn deuren sloot… Thats life. Ons moment komt nog wel. Uit eten bij Casa Inferno, nog een ijsje halen en het huisje opruimen. Morgen hebben we een rit van ruim 6 uur voor de boeg. En er werd regen voorspeld. Van badpak naar regenjas. Precies zoals we ons Noorwegen hadden voorgesteld 💙

Dag 4

Om 9.00 uur reden we naar Øksnes, dat is meer richting de Lofoten. Het was wisselvallig weer, de eerste regen was al gevallen. Alles was mooi, maar wel wat grauw. De regen tikte zachtjes tegen de ramen, de auto wiegde me heerlijk heen en weer, mijn oogleden werden zwaar en ik gaf me er een kwartiertje aan over. Wereld van verschil. Waarschijnlijk ook omdat het weer gaandeweg was opgeknapt. Het is wel heel lastig fotograferen/filmen vanuit een auto. Gelukkig zagen we een mooie stopplek langs de route. Rotsblokken in het water, mijn Teva’s jeukten om eroverheen te dansen. Ik wilde eigenlijk niet weg daar, maar de mannen waren onvermurwbaar en we moesten nog een stukje.

We kwamen rond 16.15 uur aan in Øksnes. We hadden daar via Airbnb een huis gehuurd en het overtrof echt alles. De ruimte, het uitzicht en de stilte. Als je buiten stond hoorde je zachtjes de zee tegen de rotsen klotsen en af en toe een vogel. That’s it.
Hemels.

De eigenaar had een hengel voor Luc neergezet en die ging hem gelijk uitproberen. Terwijl ik dacht neer te ploffen met een boekje op het terras, zag ik Harm voorbij spurten; ‘Luc heeft wat gevangen!’ Hoe dan? Hij stond er net 5 minuten. Toch zag ik mezelf erachteraan rennen. Charmant als ik ben. Luc stond nog meer te glimmen dan de makreel aan zijn hengel. Alleen dat glibberige beestje eraf halen, dat mocht Harm doen. Die doet dat ook niet dagelijks, dus die vis scheet in zijn broek. Of nee, die vis scheet op Harm zijn broek. Shirt. En slippers. Ik wist niet eens dat vissen konden bouten. Niet echt een onderwerp waar ik ooit aandacht aan heb besteed. Het beestje was best lang buiten het water geweest, dus toen Harm hem teruggooide, zonk hij naar de bodem.
‘Ahhh, wat zieligggg…’
‘Mahaaaam, stel je niet zo aan,’ was Luc zijn repliek.
Mama was natuurlijk wel zo goed om de hygiënische doekjes te gaan halen voor de vissenstront en achtergebleven schubben. Bij terugkomst was de volgende vis al gevangen en de gezonken makreel was ontwaakt uit zijn nachtmerrie en met de noorderzon vertrokken. Het haakje zat bij deze nieuwe vis wat dieper achterin het bekje. Harm deed voorzichtig, maar hij bloedde (en poepte) toch.
‘Luc, ik ben blij voor je dat het is gelukt, maar dit kan toch niet, die arme vis, die heeft hier niet om gevraagd, dit…’
‘MAAAAHHHAAAAM’, onderbrak Luc me.
‘Maar hoe zou jij het vinden als je voor de fun een haak door je huig geslingerd zou krijgen en…’
Luc schudde zijn hoofd en keek toe hoe Harm de tweede vis terug gooide. Ook deze speelde voor dood. Terwijl ik een traantje voelde opwellen, schoot het makreeltje er ineens vandoor en ving Luc alweer een nieuwe. Het zijn mooie vissen joh, een gaaf patroon op zijn jasje heeft hij. Helemaal hip metallic lijkt het. ‘Mooie vis hè’, probeerde ik mee te praten met mijn mannen. Maar die waren druk met overleggen dat ze een onthaaktang en handschoentjes ofzo moesten kopen morgen. Luc gooide zijn hengel weer uit, ik vond het een geweldig gezicht, zo met de bergen op de achtergrond, dat wel. Toen vervolgens zijn haak bleef hangen achter een steen en hij de draad moest lossnijden, flitste toch door mijn hoofd; ‘ha, Karma is een vis!’

Eerste vis gevangen in Noorwegen!

Harm had in de reviews gelezen dat er dolfijnen voor het huis (uiteraard in het water) zijn gespot. Heel de avond heeft hij voor het raam naar buiten zitten prevelen; ‘kom maar dolfijntje, kom dan’. Ineens veerde hij rechtop, ‘ik zie een adelaar, kom kijken’. Een hele uitleg verder waar we moesten kijken, moesten Luc en ik concluderen: ‘papa ziet ze vliegen’.
‘Nee echt, jongens, kijk nou, in het midden van de baai, recht omhoog, bij die grote wolk!’
‘Harm, ik zie alleen meeuwen…’
‘Kijk nou, hij komt deze kant op’, enthousiast wipte Harm heen en weer op de bank. Je hoopt toch in Noorwegen op zijn minst een eland, (liever geen beer), walvis, orca, dolfijn of dus een roofvogel tegen te komen. Dus Luc en ik keken mee naar buiten en lachten ons rot toen de meeuw over het huis heen vloog. Harm zakte terug in de bank en ik zag hem denken; ‘als ik dolfijnen tegen kom, zeg ik lekker niks’.

Er was een playstation in het huis en de mannen begonnen een spelletje en hadden grote lol. Heerlijk om te zien. Maar stiekem zou ik het natuurlijk nog heerlijker vinden om ook die dolfijnen te zien. Ik besloot naar buiten te gaan, gewapend met de camera. De stilte valt niet te beschrijven. Geen geluid van buren, honden, verkeer, echt alleen de natuur. De lucht kleurde zichzelf prachtig in. Van mei tot en met juli heb je hier middernachtzon (’s nachts gaat de zon binnen een half uur onder en weer op), dat gaan we niet meemaken. Maar de zon gaat in deze periode ook niet onder, Harm kan je heel goed uitleggen hoe en waarom, ik niet. Daar heb je Google (of Harm) voor 😉. Feit is dat je goed verduisterende gordijnen moet hebben, want het wordt niet donker.

Ik zat gehurkt om het spiegelende water vanuit een ander standpunt te kunnen vastleggen. Bij het omhoog komen stond er ineens een man compleet gekleed in het zwart op 70 meter afstand. We schrokken allebei. Mijn eerste reactie was gedag zeggen en snel weglopen, maar het liep anders, we raakten in gesprek. Het bleek de buurman te zijn die duidelijk verlegen zat om een praatje. Alles weet ik nu van hem, van hoe hij zijn zalm klaarmaakt (met melk, iets anders wat hij niet kon vertalen naar het Engels, knoflook en verder heb ik niet geluisterd, het is niet alsof ik het zelf ooit ga bereiden) tot aan de geestelijke gesteldheid van zijn dochter. Hij gaf ook wat tips over waar het mooi is (ging hij mij een route proberen uit te leggen, echt verspilde zuurstof is dat) en begon toen over zijn liefdesleven. Achter hem zag ik een vis omhoog uit het water springen. Oké, het was geen dolfijn, maar ik had dit wel vast willen leggen. Jammer. Het positieve was wel, dat ik nu te weten kwam of het huis aan de overkant van het water wel echt is (ik kon niet inschatten of het een kabouterhuis of mensenhuis is). Het is echt! En momenteel onbewoond (de eigenaar kampt namelijk ook met ‘mental health issues’). Ik weet nu al dat ik de rest van de vakantie ga fantaseren hoe het is om te wonen in the middle of beauty & silence 😊

Deel

Nekhernia herstel

doorPosted on 2 Comments8min. leestijd733 gelezen

Time flies when you’re having fun. Nou het tegenovergestelde is ook waar. De dagen rijgen zich aaneen. Als nibbitringetjes aan een dropveter. Dat klinkt dan wel weer lekker. Komt omdat ik weinig doe (werken en rusten), maar rampampam, tromgeroffel etc; dat heeft wel een positief effect op mijn herstel.

De rust helpt, de pijn is afgezwakt. Er zit een kastanje in mijn nek constant op mijn spier/zenuw te drukken, maar de tintelingen zijn afgenomen. En ik voel mijn wijsvinger weer! Hoezeer ik het ook haat om zo weinig te doen, het lijkt wel te werken. Ik krijg via via een hoop lieve tips; van acupunctuur, heftige medicatie en een gaatje in je nek laten boren en zo de uitstulping terug laten duwen. Hoe heerlijk dat ook allemaal klinkt, ik merk dat ik het fijnste vaar als ik mijn eigen koers bepaal. Ik overdenk wel alle opties. Probeerde een tijdje CBD olie (hielp niks). Heb getwijfeld om een ‘spiegel’ op te bouwen met paracetamol, maar 2 joekels van pillen per 4 uur vond ik nog heftig. Ik heb speciale tabletten van 1 gram bij de apotheek besteld, maar die waren zo nodig nog een slag groter. Ik heb een smal keelgat ofzo, want medicatie heeft bij mij de neiging om gezellig aan mijn huig te blijven plakken. Neh, ik sla even over.

Aaibaar en warm!

Mijn lieve herni-maatje waar ik veel mee chat vraagt of een warmtekussen niks voor mij is. Dat doet mij denken aan het elektrische dekentje van mijn moeder vroeger. Die grillde ze alvast een half uur voor, voordat ze naar bed ging, waarbij ik jarenlang doodsbang ben geweest dat ik haar bij het krieken van de dag verkoold in bed zou aantreffen. Nooit gebeurd, dus wat houdt me tegen? Ik bestel er eentje met een nekkraag en de dag erna komt hij me verwarmen. Veels te groot voor mijn kippennekkie, maar ik trek hem er strak omheen en leg mijn koude hand erop. Zowaar ontdooit mijn ijsklompje en voel ik de warmte mijn rug omarmen. Zeker als ik er tegenaan ga zitten. Dit is mijn nieuwe ritueel als ik tegenwoordig vaak vermoeid en met hoofdpijn thuiskom van mijn werk. Nooit gedacht dat ik het van zo’n muf uitziend (en ruikend) ding zou zeggen, maar toch wel een van mijn beste aankopen ever!

Hoe gek het ook mag klinken, ik voelde me ook een stukje lichter na het schrijven van mijn vorige blog. Alsof ik het toeliet. Dat het echt is. Dat ik mezelf niet beter hoef voor te doen. Ook hielp het me meer uit te spreken naar mensen. Plus mijn gesprek met mijn coach. Terwijl ik met haar aan de telefoon zit, stuurt mijn chatmaatje me een psychologische uitleg over onze klacht uit het boek ‘ Zielsoorzaken van ziekte’. (Kort uitgelegd; als je rechtshandig bent en je hebt pijn in je linkerschouder staat dat voor een conflict tussen moeder/dochter en staat schuld centraal. Rechterschouder staat dan weer voor een conflict met de partner). Hoe bizar, daar had ik het net over met mijn coach. Het komt erop neer dat het fysiek vastgezette emotionele pijn is die eruit wil. Zonder er te diep op in te gaan, slaan het boek en de sessie de hamer op de zere plek en kan ik hier verder mee. Note to myself; doen wat goed voelt voor mij, uitspreken als me wat dwars zit en een kleinere tas kopen. Letterlijk en figuurlijk minder onnodige ballast op mijn schouders nemen. Theoretisch gezien, zou het kunnen dat ik die tas-opdracht erg serieus neem. Want waarom zou je genoegen nemen met één nieuwe tas ;-)?

Ondertussen ben ik overtreffende-trap-moe en heeeeel vergeetachtig. De kastanje maakt er soms een kastanjeboom van, uitwaaierend over mijn rug en arm. Maar daar hoef ik geen injectie voor in mijn lichaam te laten knallen. Ik heb daar geen goed gevoel bij. Wat als ik dan (even) compleet pijnvrij ben (hoezeer ik daar ook naar snak), hoe hard zal ik dan over mijn grenzen heen gaan? Want de pijn mag dan gemaskeerd worden, maar de hernia is niet weg. En ik ken mezelf, ik sta morgen gelijk een steigerhouten kast te zagen. De man met de hamer zal dan geduldig op mij wachten en als ik het dan totaal niet meer verwacht, BAM, toeslaan. Mokertje hard. Vol in mijn nek. Genoeg heb ik van die kuthamer, dus die pijnpolikliniek, die heb ik afgebeld. Dit gevecht doe ik op eigen kracht. Ik kan dit.

Facebooktip van mijn nichtje. Ik kocht hem op AliExpress. Misschien helpt het. Of ik krijg er een giraffennek van 😉

Ik ontvang een lief kaartje uit onverwachte hoek en mijn nichtje die ik eigenlijk nooit meer spreek, stuurt me een tip via Facebook. Hartverwarmend. Net als de lieve mensen om me heen die nog steeds vragen hoe het gaat, terwijl het antwoord echt niet altijd doorspekt is van vrolijke anekdotes. Lina die me helpt met koken, Harm die mijn verhalen tot in den treure aanhoort en Luc die dagelijks mijn ‘goede arm’ knuffelt. Daar put ik kracht uit. En voordat je denkt dat ik hier de hele dag lig te genieten, er zijn veel momenten dat ik baal, huil en hele hompen cake in mijn bodemloze put van zelfmedelijden kwak. Maar hè, ik doe mijn best.

Beaty Inn Nieuwegein Floaten review

Dus gun ik mezelf eindelijk een momentje floaten. Dat je dat aan kan schaffen via Groupon zegt waarschijnlijk al wel wat over de kwaliteit. Ik hou van een koopje, maar ook van luxe. Dat dat niet altijd samen gaat bleek maar weer eens. Of je moet van systeemplafonds, verkalkte douchekoppen en oranje mozaïk houden. Ik hoor je denken ‘zeg prinses, je doet je ogen dicht in dat vergeelde ei met ontbindende rubber randen, wat zeur je?’. Je hebt gelijk, excusez moi.

Waarom ik het licht in de ruimte uit deed? Geen idee, maar ik zag niks meer, behalve een streepje licht onder de deur. Het licht ging niet meer aan. De krent in mij wilde mijn kostbare tijd hier nu niet aan besteden en ging voorzichtig in het zoute bad zitten. Pfoe, nu nog de klep dicht doen. Ik keek omhoog en nou ben ik best een lange slungel, maar de functie van spaghetti armen staat tegenwoordig uitgeschakeld, dus ik moest al glibberend weer gaan staan. Ik greep het handvat en probeerde al zittend dat kreng dicht te trekken, waarbij ik uitgleed en er met gestrekt been in ging. Maar huts, de klep zat dicht. En nou deden allebei de schouders tenminste pijn, zo was ik weer eens in balans.

Een houding zoekend begon ik te piekeren. Na deze baddersessie had ik nog 10 minuten om onder andere te douchen had de medewerkster mij verteld. Maar hoe dan? De laatste tijd geniet ik eindelijk weer van de douche. Voelt het niet meer alsof het hete water over mijn opengereten arm stroomt. Dus een gemiddelde sessie kost me zeker 20 minuten. Nu moest ik ook nog het licht weer aan zien te krijgen, mijn haren wassen, al mijn zooi nog opruimen en mijn water drinken. Laat los Joyce, probeer te ontspannen. Ik heb het geprobeerd. Als mantra in mijn hoofd ‘laat het los’ gechant. Misschien zelfs wel gefluisterd. Voor ik het wist begon het lampje in het ei te knipperen en hoorde ik iets zachtjes door de intercom. Euh hallo, ik heb volgezogen oordoppen in! Gauw pulkte ik ze eruit. Het boeide me niks wat ze te zeggen had, ik snapte zo ook wel dat het voorbij was, maar wellicht kon ze me vertellen hoe ik het licht in de oranje kamer weer aan kreeg. Lichtknop naar rechts draaien. Oke.

Eerst maar eens uit die nagebootste baarmoeder proberen te komen. Had ik al gezegd dat de kracht in mijn handen tegenwoordig vergelijkbaar is met die van een natte kamerplant? Ik kreeg dat dichtgezogen ei niet open. Ondertussen had Truus van de intercom dat ding al op spoelstand gezet. Nee, ik werd niet in een draaikolk het putje in gezogen, maar fris voor mijn nakomer vond ik het niet, dus gaf ik een beuk tegen het deksel en voor ik het wist hing ik over de rand met het zoute water in mijn mond en ogen. Ik kroop eruit en vloekend ramde en draaide ik aan de lichtknop. En toen was er licht. Ik geloof dat ik me niet helemaal aan die 10 minuten heb gehouden. Uiteindelijk ben ik vliegensvlug langs de lieve receptioniste gespurt en kwam ik dampend aan in mijn auto. Zuchtend ging ik zitten. God, wat was ik moe. Nu moest ik nog autorijden ook. Dit had ik niet goed overdacht. Thuis kroop ik op de bank met mijn warmtedekentje in mijn nek en vroeg me af of ik deze niet-enorm-positieve-review zou plaatsen. Ik had immers in mijn enthousiasme gelijk 3 bonnen daar aangeschaft…

Anyway, zou ik het aanraden voor nekherniastrijders? Tsja, met alles geldt, volg je eigen gevoel. Ik vond het in eerste instantie erg pijnlijk, omdat ik juist op mijn nek rustte. Totdat ik besefte dat mijn achterhoofd dieper het water in moest. Mijn armen langs mijn lichaam deed extra pijn. Helaas ging het nl pijntechnisch twee dagen weer wat minder goed. Ook ik heb dipjes . Het is niet ineens over. Het komt en gaat. Maar het is altijd wel ergens aanwezig. Toch geloof ik in mijn herstel. In mijn eigen tempo. Op mijn manier. Dus doe jij dat ook vooral. Ik ga op zoek naar een luxe float-locatie. Met iemand erbij. Die me weerhoudt van lompe acties.

Uitstulping tussen nekwervel C6 en C7

Omdat ik alles uitgeplozen wil hebben ga ik naar de huisarts met mijn MRI scan. Kan hij me uitleggen wat ik daarop zie? Dat mis ik en ik hoop dat zodra het inzichtelijk is, ik dit ook weer kan loslaten. Ik wil niks meer op mijn schouders hebben rusten. Alles loslaten. Op de scan zie je de lange donkere baan in het midden lopen (beenmerg), daaromheen zit een witte rand (vloeistof en vet) en die houdt de nekwervels op afstand van dat beenmerg. Bij de rode pijl zie je dat de witte lijn weg is en er weefsel/tussenwervel uitstulpt en in het beenmerg drukt ter hoogte van waar de zenuwen lopen die naar mijn arm uitstralen. Ik ben ‘blij’ dat ik er nu een plaatje bij heb. We hebben het over mijn herstel en hij is oprecht blij dat hij ziet dat het weer wat beter gaat. Of het wel verstandig is om volgende week weer volledig aan de slag te gaan? Vast wel. Rustig aan en anders weer een stapje terug. Ik ga dit namelijk overwinnen. Ik word het succesverhaal waar ik naar zocht op internet.

Want hè, I do it my way!

Deel

Nekhernia

doorPosted on 2 Comments10min. leestijd624 gelezen

Zodra een diagnose gesteld wordt, denk je dat Google je grootste vriend is. Ik zocht naar tips, positieve verhalen en mede-hernialijders. Dat laatste vond ik. In de vorm van horror verhalen (zinloze operaties, lijdensweg hier, ellende daar, niks helpt, etc). Dit was niet waar ik naar zocht. Dus schrijf ik dit voor mezelf en andere beginnende & zoekende hernia-strijders.

Het begon december 2018 met spierpijn in mijn linkerschouder & borstspier. Een hardnekkige pijn dit keer. Ik besloot rustig aan te doen in de kerstvakantie en lekker naar de Thaise masseuse te gaan. Ik zit wel vaker vast in mijn nek/rug en deze heldin krijgt het bijna altijd voor elkaar dat ik beurs, maar met mijn nek weer 360 graden draaiend naar huis zweef. Dat viel dit keer tegen. Dus ging ik nog drie keer. Ze gaf ook aan hoe vast mijn arm en hand zat en dat voelde ik goed toen ze er eens lekker met haar ellebogen overheen rolde. Alles voor een bevredigend resultaat. Dat bleef uit.

Advil & Naproxen hielpen niet. Spiergel van VSM ook niet. Ineens brandde daar een gloeilampje boven mijn hoofd. Ik had ook al een tijd hiervoor last van mijn spier die vanuit mijn bil aandacht trok tot aan mijn knieholte. Dat weet ik aan mijn slechte houding en dat het tijd werd voor nieuwe eetkamerstoelen, want nu zat ik met mijn weinige kontvlees op het hout. Kussen erop, stoelen besteld en door. Maar die gloeilamp zei; dat was ook

Hernia stoel ;-)
Mijn eetkamerstoel momenteel, zodat ik het een maaltijd volhoud

aan je linkerkant. En staan niet veel klachten synoniem voor iets psychisch? Blokkades, leerlessen, weet ik het? Dus belde ik mijn (spirituele) coach. Links staat voor het verleden. Uiteraard… Verder kwam het erop neer dat ik mezelf geen beter leven gun. Mijn leven kabbelt als een 7 gezapig door en ondanks dat ik daar erg dankbaar voor ben, mag ik ook groeien naar een 8. Dat is iets te kort door de bocht samengevat, maar ik kon er voor mijn gevoel dit keer weinig mee. Nog een keer gebeld, om eventuele blokkades op te heffen en verdere tips. Wat bij haar hielp als ze stijve spieren had; bijengifzalf, magnesiumpillen, Traumeelzalf en magnesiumzout voor in bad. De economie spekken is één van mijn hobby’s, dus vol goede moed slikte ik de megapillen en smeerde mijn pijnlijke linkerkant eens flink in. Niks.

Half februari toch maar eens naar de huisarts. Ik wil geen pillen, ik wil er ‘gewoon’ vanaf. Hij vond niks raars. Gewoon goed blijven bewegen, anders zou ik stijf worden. Dus ben ik lekker een muurtje gaan sauzen bij vrienden. De pijn was de dag erna een graadje erger geworden. Na mijn werk dacht ik verlichting te vinden bij de fysio. Hij dacht aan TOS (beknelling van een zenuw onder je eerste rib). Geef het beestje een naam, maar help me er vanaf. Of hij het mocht proberen los te trillen. Doe je ding. Op mijn buik liggen was al die tijd al niet te doen, maar het geduw en getrek aan mijn schouder vergde een uithoudingsvermogen waarvan ik niet dacht dat die verder op te rekken was. Daar kom ik van terug.

De nacht was een ware hel. De dag erna weer naar de dokter. Geef me A.U.B. wél pillen. Ondanks zijn bezwaren tegen slaapmiddelen, kreeg ik deze toch mee tezamen met het door mij gevreesde diclofenac (iets met Google en maagzweren). Ik stopte mezelf vol pillen. Ging in bad met een halve kilo magnesiumzout. Haalde Voltarengel, want dat scheen geweldig te werken. Niks geen verbetering. Zaterdagnacht ben ik 4 uur lang in een magnesiumbad gaan liggen. Ik kon in bed en op de bank geen houding vinden. In bad een beetje. Ik vulde het bad met mijn hete tranen en belde zondagochtend gelijk de huisartsenpost. Manlief reed me naar Zaltbommel. Ik heb gehuild, dat wil je niet weten. Mijn arm, mijn god, mijn arm, waar moest ik hem laten. De onbekende arts was niet onder de indruk, maar wilde wel Tramadol voorschrijven en verwees me door naar mijn eigen huisarts. Een hellenrit naar Den Bosch om daar mijn verlossende-pijn-pillen te halen. Niks geen verlichting. Niks.

Maandag zat ik weer bij mijn huisarts. Ik wil geen fysiotherapeut die mijn lichaam pijnigt, zonder te weten wat ik nou echt mankeer. Ik wil een MRI. Hij ging kijken waar ik het snelste terecht kon. Misschien over een week al in Tiel. AL? Tsja, andere ziekenhuizen hadden wachttijden van 1 tot 2 maanden voor de afdeling neurologie. Wist niet dat het daar zo populair is. Doe maar dan. En toen kwamen de goden/engelen die ik ’s nachts om hulp smeekte om het hoekje kijken. Er viel een afspraak uit en woensdag kon ik al terecht. Ik had een goede dag. Mijn vriendin ging mee. We hadden ruim de tijd om een medicatie-overzicht en patiëntenpas te laten maken. Het liep uit. Na een uurtje extra wachten, stelde de neuroloog weer de standaard vragen en deed ik weer de bijbehorende oefeningen. Die gingen mij prima af. Ik gaf aan dat de Tramadol niet hielp tegen de pijn. ‘Die moet je ook wel consequent slikken’, was het antwoord. Maar man wat krijg ik letterlijk jeuk van die rommel. En misselijkheid. En nachtelijke zweetbuien. ‘Oké, ik schrijf Oxycodon voor en je kunt een afspraak maken voor een MRI scan, dan zie ik je over een paar weken weer terug’. En ineens stonden we weer buiten. Ik voelde me eerlijk gezegd niet echt serieus genomen.

En hoezo over een paar weken? Gelukkig had ik wederom mazzel, ik kon de volgende dag al terecht voor een MRI scan en de week erop op maandag weer terug voor de uitslag. Dus dat viel mee. De MRI daarentegen vond ik een drama. Ondanks dat ik had aangegeven dat het mijn eerste keer was, werd er alleen wat over het harde geluid verteld. Stuntelig ging ik liggen. Hij stelde een radiozender in en weg was hij. De monotone toeter ging aan en ik voelde paniek opkomen. Begon het al? Maar lag ik wel goed? Mijn handen lagen op elkaar, kon ik die nog bewegen of kon hij daardoor heen scannen? Ik durfde me niet meer te verroeren. Geen idee hoe lang dit zou duren, maar ik probeerde me te focussen op de muziek en niet op de vlijmscherpe pijn in mijn schouder die strak op de harde plaat lag. Zachtjes huilde ik, terwijl de machine me een stukje verder de grot in trok.

Ineens was de man er weer, die klapte van alles weg, maar ik had het idee dat mijn schouder nog helemaal niet gescand was. Ik vroeg het hem. ‘Nee, alleen de nek is gescand’.
‘Maar de pijn zit in mijn schouder en arm,’ zei ik hulpeloos.
‘Op mijn briefje staat alleen de nek’, en daar kon ik het mee doen.
We reden terug naar huis en in de auto belde ik de afdeling neurologie. Die hadden lunchpauze! Doe dat lekker in shifts ofzo, jezus. Ik zat me helemaal op te vreten. Later aan de telefoon gaf een assistente door, dat het meestal vanuit de nek komt, dit soort klachten.
‘Ja, maar als dat niet zo is, moet ik dan nog een keer terug voor mijn schouder?’. Ik voelde me zo onbegrepen.
De dag erna belde de neuroloog me terug en legde uit dat als het iets in mijn schouder zou zijn, ze dat niet zouden zien op de scan en zij me niet verder kon helpen. De MRI was alleen om uit te sluiten dat ik een nekhernia zou hebben. Nou, als ze toch dacht dat er niks te zien zou zijn, hoefde ik daar maandag toch niet voor naar Tiel te rijden? Autorijden stond zeker in mijn top3 van pijngarantie. Prima, ze zou me bellen.

Misschien voelde ik me niet serieus genomen, omdat ik mezelf ook niet serieus nam. Hoe kan de buitenwereld zien dat het niet gaat, als ik gewoon doorga? Ja, ik was een week thuis geweest. Maar ik was daar klaar mee en ging maandag weer aan de slag. Waar ik al snel merkte hoe moeilijk het voor me is om niet te tillen, om hulp te vragen en aan te geven dat het niet meer gaat. Voor wie is die Pokerface? Wie houd je voor de gek?
De neuroloog belt; overduidelijk een nekhernia. Ik was bijna een soort van ‘blij’ dat ik mijn klachten niet verzon. Het was echt. Zo en wat nu? De oxycodon/morfine blijven slikken, eventueel aanvullen met paracetamol en verder moet het lichaam het zelf oplossen. Huh? ‘Ja, ik kan je ook doorverwijzen naar de pijnpoli, maar daar zit een wachttijd op van 6 tot 8 weken, waarschijnlijk is het tegen die tijd wel over.’
‘Schrijf maar in, ik kan altijd tegen die tijd nog afzeggen.’ Verdwaasd hing ik op. Nou was ik ook half stoned van de oxycodon. Maar even serieus, een nekhernia?

Bij een nekhernia puilt een tussenwervelschijf tussen een van de nekwervels uit. Dit staat op internet. Nou dacht ik dat mij was uitgelegd dat het gaat om weefsel tussen de nekwervels dat uitstulpt en op een zenuwwortel drukt. In mijn geval tussen wervel C6 en C7. Wat moet ik hiermee? De fysiotherapeut belt. Hij geeft zelf eerlijk aan dat voor behandelen en niet behandelen dezelfde herstelperiode staat. Het enige verschil is, dat als hij me behandelt, ik onnodig extra pijn zal lijden. Hij geeft me nog wel de tip om mijn zorgverzekeraar te bellen, die kunnen bemiddelen bij de wachttijd bij de pijnpoli. Ook spreek ik nog met mijn huisarts, want als die uitstulping er zit, hoe gaat hij dan ‘ineens’ weer weg? Zijn verhaal was dat zodra de uitstulping de zenuw raakt, mijn lichaam gaat reageren. De zenuw zwelt op en er wordt ontstekingsvocht aangemaakt. Als het lichaam gaat wennen aan de uitstulping, zal de zwelling minder worden en het vocht verdwijnen. De zenuw kan compleet gaan wennen aan de uitstulping en in sommige gevallen verdwijnt de uitstulping. Of hij wordt groter. Dat kan natuurlijk ook…

Het is gewoon niks voor mij om af te gaan zitten wachten. Maar de pijn dwingt me een stap terug te doen. Het voelt alsof er met een brandende hand in mijn borstspier wordt geknepen, een bot mes vanaf bovenaf in mijn schouder wordt geboord en over mijn arm, met name bij mijn elleboog lijkt mijn zenuw bloot te liggen. Mijn huid schaaft daar als schuurpapier constant overheen. Daarnaast zijn er tintelingen, misselijkheid, hoofdpijn en nu zelfs buikpijn. Want de oxycodon stopt mijn pijn niet, maar wel mijn stoelgang. Ik besluit te stoppen met deze rommel, maar neem dankbaar de zakjes Macrogol en Electrolyten aan van mijn

Naast rommel, probeer ik ook op een natuurlijke manier de poep-blokkade op te lossen en maak een cocktail van verse jus d’orange en olijfolie. Baat het niet…;-)

collega’s, zodat ik binnenkort weer normaal naar de wc kan. Niet alle pijn is er tegelijkertijd. Soms wel. Af en toe vergeet ik het en draai ik me verkeerd en als de bliksem door mijn arm schiet, komt mijn soort van Gilles de la Tourette omhoog waarbij AUKUT favoriet is. Soms denk ik dat ik vooruit ga, want hé mijn duim doet vandaag geen pijn meer bij het omslaan van een pagina. Alleen is nu wel mijn wijsvinger zo goed als dood. Joyce, wees nou even serieus. Je hebt een nekhernia. Geen krampje. Ga je ernaar gedragen. Ga leren je grenzen aan te geven en te luisteren naar jezelf. Naar je lichaam. Neem jezelf serieus. Dus ik besluit een paar uur per dag minder te gaan werken. En ik neem de stap om de zorgverzekeraar te bellen. Ja, dat is een drempel. Want ik heb het gevoel dat ik voordring bij iemand die misschien wel meer pijn heeft. Maar ik geloof dat alles gebeurt met een reden. Ik denk dat ik mezelf nu op 1 moet zetten en even niet aan een eventuele ander moet denken. De aardige mevrouw bij Univé gaat mijn verzoek indienen. Kleine stapjes vooruit.

Worstelend met al het pillengeslik, mijn gevoel invalide te zijn, dat anderen denken dat ik me aanstel (of ben ik dat gewoon zelf?), ga ik het internet op. Ik voel me zo eenzaam in dit proces. Ik zoek herkenning. Wat een hoop narigheid lees ik, dat geeft de burger geen moed. Ik typ nekhernia in bij Facebook en lees het 4-weken oude verhaal van iemand. Brutaal stuur ik haar een bericht, zij is al een stuk verder in het proces, misschien heeft zij nog tips? We beginnen te chatten en ondertussen sluit ik me ook aan bij een lotgenoten groep op Facebook. Wat me het meeste opvalt is de verschillende verhalen van iedereen. Verschillende adviezen, zoveel soorten medicatie en iedereen reageert er anders op. De een slaapt graag zonder kussen, ik niet blijkt, maar misschien is een waterkussen wat? Bol.com reviews geven aan dat het koud is. Nee kou kan ik nu niet gebruiken. Een ander heeft baat bij … Zo merk ik langzaam dat iedereen zijn eigen verhaal heeft. Dit is mijn verhaal. Geen wijsheden of advies. Want jij en ik, we hebben allebei een hernia, maar zijn een ander persoon. Waar ik wel wat aan heb is de pijn-meditatie die ik via mijn chatmaatje heb gekregen. Hoewel ik niet alles volg wat die man zegt en ik niet in een wakkere houding ga liggen, maar het gebruik om mee in slaap te vallen, helpt het me soms echt ontspannen. Hierbij het mediabestand ‘Oplossen van pijn’ van Gijs Tecklenburg:

Lieve coach, lieve mezelf, ja ik wil een beter leven. Een leven waarin ik een volle nacht slaap en geen pijn meer heb. Ik ga er hard (of juist zacht) aan werken. Ik ga mezelf verder verdiepen in floaten, want dat lijkt me toch wel erg ontspannend. Ik pak mijn rust en eindig elke dag met minimaal drie dingen waar ik dankbaar voor ben. Voorbeeldjes;

– De lekkere crème die ik mezelf gunde en de hier veel geziene Postnl bezorger mij mee kwam verblijden (tip; gun jezelf wat leuks)
– Het bericht van Univé dat de Optimal Care Pijnkliniek in Rotterdam het snelste plek heeft en ik een afspraak heb gemaakt voor 18 maart (ipv 23 april in Tiel) (tip, bel je zorgverzekeraar voor bemiddeling)
– Gelachen vandaag, met mijn gezin, maar sowieso om mijn dagelijkse portie instagram-grapjassen (@diwmotz, @thebestsocialmedianl) (tip; zoek bewust dingen op waar je wel blij van wordt)

Zo sluit je een kutdag toch positief af. En lukt dat niet? Huil!  Dat lucht ook op. Morgen weer een nieuwe dag, dichterbij onze genezing!

Deel