Oudheid kent geen tijd

woensdag, september 19, 2012 0 0

Voordat ik kinderen kreeg had ik geen beeld hoe ze later ‘moesten’ worden. Ze hoefden niet mijn dromen waar te gaan maken of dokter te worden. Daar hield ik me niet mee bezig. Wel had ik een beeld hoe ik zou zijn als moeder. Lief, geduldig, veel knutselen en koekjes bakken. Actief op school. Dus toen mijn dochter die leeftijd bereikte, was ik extatisch dat ze graag wilde knutselen en cakejes bakken in dit geval. Jammer was wel dat dan heel de keuken overhoop lag en ze na 5 minuten dacht, ik ga wat anders doen. Of nog beter, ‘wat gaan we nu doen?’. Dat ik daar na een tijdje niet meer zo lief en geduldig op reageerde, vond ik logisch. Ik stond dan vaak de stukjes klei tussen de groeven van onze houten vloer uit te pulken of het bakmeel tevergeefs van ons granieten aanrechtblad te schrobben.

Ik ben toch niet zo’n fantastische moeder als ik dacht te gaan worden. Op school heb ik welgeteld 1 keer geholpen. Toen Lina in groep 1 zat heb ik die frummels bijgestaan bij het kruidnootjes bakken en spelletjes spelen. Alhoewel ik deze momenten toch ook allemaal graag wilde vastleggen en zodoende alles  van achter mijn camera gadesloeg. Maar ik suste mijn schuldgevoel met het feit dat de meeste activiteiten plaatsvinden tijdens de dagen dat ik werk. En sinds Luc er is, kan ik ook niet op de andere dagen, want ik heb geen oppas in de buurt en kinderopvang is schreeuwend duur.

Maar toen een moeder mij vroeg of ik niet mee wilde rijden met het uitje van de meesters verjaardag, omdat ze dat gezellig vond, dacht ik, het wordt nu echt weer eens tijd. Harm regelde dat hij kon thuiswerken en ik ruimde mijn auto eens op. Lina was door het dolle en dat maakte mij weer heel blij. En de reactie van een andere moeder die hoorde dat ik mee zou rijden: ‘JIJ?’, deed mijn rug rechtten. Ja, ik. Dat we naar een museum gingen, moest ik alleen nog even zien te verwerken. Ook nog het oudheidsmuseum. Als cultuurbarbaar kon ik hier vast nog meer van opsteken dan die kinderen.

Ik kocht chocoladekoeken en zorgde dat ik op tijd was. Ik kreeg een briefje met het adres, maar zou achter de andere moeders aanrijden. Voor ik TomTom ook maar kon bekijken, scheurden ze al weg. Gauw erachter aan, fuck het leek wel een Formule 1 parcours. We vlogen over drempels, sneden vrachtwagens af en remden alleen af, daar waar de App van moeder nr 1 aangaf dat er geflitst werd. Maar binnen een half uur waren we in Boxtel. Waarschijnlijk rijd een normaal persoon hier minstens drie kwartier op. De kinderen hadden niks in de gaten, waren helemaal uitgelaten.

Jassen uit en een zaal in om een filmpje te kijken. Ijskoud daar. Een slimme moeder gaf aan dat die kou goed was voor het bewaren van de fossielen. Laat ze die dan lekker een sjaal omdoen. Oh ja, wel even bij de les blijven. Wat een kinderachtig filmpje over een uitroepteken en vraagteken die een bot vinden. Maar goed, de kinderen lachen, dus het zal wel leuk zijn. Als het filmpje is afgelopen kunnen we aan het echte werk beginnen. Een speurtocht met allerlei vragen over de dino’s en andere oude dingen in het museum. De meester vroeg ons wel of we de kinderen wilden helpen, met de moeilijke vragen. Voor de vorm keken we ook een beetje rond.

De ene übermoeder hielp alle kinderen, maar de rest liep een beetje doelloos rond. Ik keek kwijlend naar de oude parelmoeren schelpen. Zou er eentje in mijn tas passen? Gaap, waar zijn de anderen? Boven, ook maar een kijkje nemen dan. Leuk geprobeerd die nepdino’s op het nepgras, maar hé een aluminium trap erachter laten staan is echt te stom. Ach dat zien die kinderen vast niet. Die rennen alleen heen en weer om als eerste de vragen te beantwoorden. Wij zoeken een plek om op te warmen. Onze racemoeder steekt haar hoofd om de hoek ‘Joehoe, hebben jullie ook koffie?’. Met onze warme mokken lopen we terug.

Ik leer nu meer over sterilisatie dan over de oudheid. Heerlijk verder, die herkenbare verhalen van moeders. Waarom heb ik dit niet eerder gedaan? Buiten schijnt het zonnetje, lekker hoor. Hier kan ik ook naar hartenlust foto’s maken. Het bordje ‘Eigen consumpties niet toegestaan’ negerend eet ik met de moeders en meester de chocoladekoekjes op. De kinderen spelen in de speeltuin. De moeder die wel van musea houdt geeft aan toch wat geleerd te hebben ‘dat een oude drol, coliet heet’ ofzo, het kan ook composiet geweest zijn. Ik gaf aan dat ik dacht dat het meervoud van een dino, dinosaurussen was, dit bleek dinosauriërs te zijn. Ze keek me aan alsof dat logisch was. Had ik toch beter naar Jurassic Park moeten kijken.

Een kind krijgt een schommel tegen haar gebit. Tijd om te gaan. Dit keer stel ik gewoon eerst mijn navigatie in, om de kinderen veilig bij school af te zetten. Wat voel ik me een goede moeder. En ’s avonds gaan we gewoon verder met de oudheid, op het schoolplein. Het is Fancy Fair en Lina’s grootste droom komt uit. Ze mag hier achter een kraampje staan en echte fossiele rommel zien te verkopen.  Of eigenlijk wij, want zij rende van de grabbelton naar het lootjes trekken en vriendinnen. Luc trok zijn sokken, schoenen en jas uit en krulde zich op in een wipstoeltje met de melding ‘Luc gaat slapen’. Vanuit zijn ooghoek merkte hij iets op met wielen. Weg was hij. Klaarwakker. Met zijn armen vol auto’s komt hij terug bij ‘zijn’ stoeltje. Harm gaat gauw betalen.

Na twee uur blauwbekken (in Luc zijn geval blauwtenen) en  onze portemonnees leeggeschud te hebben, neem ik Lucje mee naar huis. Ik duim dat het gaat regenen, dat de rest van mijn gezin kan volgen. Mijn gebeden worden gauw verhoord. Vandaag was ik wél de moeder die ik voor mezelf voor ogen had!

0

Er zijn nog geen reacties.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *